Volgens woordvoerder Martijn Schuttevaer van Boskalis ‘ontstaat bij een positieve uitkomst van het haalbaarheidsonderzoek een concreet project om deze ook te gaan bouwen’. De Iraakse olieminister Thamir Ghadhban spreekt van een ‘industrieel eiland’, dat Irak in staat zou moeten stellen om zijn olie-export te verdubbelen (bekijk de video onderaan dit artikel).

2,25 miljard

Volgens het olieplatform S&P Global Platts heeft het project een waarde van minstens 2,25 miljard dollar. Hoeveel daarvan nodig is voor het opspuiten van het nieuwe eiland is nog onduidelijk. Er zou in elk geval een exportterminal op gebouwd worden met een opslagcapaciteit van zes miljoen vaten, ruwweg een miljoen kubieke meter. Ter vergelijking: de Maasvlakte Olie Terminal, een van de grootste olie-importterminals ter wereld, heeft een capaciteit van 4,4 miljoen kubieke meter.

Het nieuwe olie-eiland komt in het noordelijke puntje van de Perzische Golf op een kilometer of tien ten zuiden van de Al Başrah Oil Terminal (Abot). Dat is een in zee gebouwd beladingsplatform voor de belading van very large crude carriers (vlcc), olietankers met een draagvermogen van ongeveer 320.000 ton.

Tekst loopt door onder afbeelding.

Abot is volgens Platts goed voor de helft van de Iraakse olie-export via de Golf. Het complex telt vier vlcc-steigers en vier zogenoemde single-point mooring systems (spm’s), enorme boeien die elk ook een vlcc kunnen beladen.

Die is op zijn beurt verbonden met de FAO-terminal op land, het hart van de Iraakse olie-export infrastructuur. Het project voorziet in een verdubbeling van de capaciteit van de FAO-terminal tot zes miljoen vaten per dag en de aanleg van twee pijpleidingen naar het nieuwe eiland. Daar moeten ook huizen voor zo’n driehonderd mensen op komen.

Volgens Platts exporteerde Irak in augustus gemiddeld 3,5 miljoen vaten ruwe olie per dag. Daarmee is het land na Iran, Canada, Saoedi-Arabië en Venezuela ‘s werelds vijfde olie-exporteur.