Dat spreekt van een ‘hub and spoke concept’ met een windenergie hub, een kunstmatig eiland dat tien tot vijftien gigawatt aan elektriciteit kan produceren. Die zou moeten fungeren als eerste stap in de ontwikkeling van een of meerdere hubs die met elkaar en met omringende landen worden verbonden.

Europese Unie

Nswph gaat proberen om Nederland, Duitsland, Denemarken en de Europese Unie achter deze aanpak te krijgen. Anderhalf jaar geleden werd al een principekeuze gemaakt voor de Doggersbank als locatie voor het eerste energie-eiland. Daar grenst het Continentaal Plat van Nederland, Duitsland en Denemarken aan elkaar. Bovendien is de Noordzee er ondiep, wat de bouwkosten kan drukken.

Het project is gebaseerd op de verwachting dat op termijn veel meer elektriciteit uit offshore wind nodig is dan waarvoor nu capaciteit in voorbereiding is, mogelijk tot 180 GigaWatt. Ter vergelijking: de vijf windparken die de komende jaren in het Nederlandse deel van de Noordzee worden gebouwd, hebben een gezamenlijk vermogen van 3,5 Gigawatt.

Meerdere eilanden

Het Havenbedrijf heeft becijferd dat er tussen de zeven en twaalf GigaWatt aan opgesteld vermogen nodig is om de complete haven over te laten schakelen op duurzame energie. Dat komt overeen met duizend windturbines met een vermogen van tien megawatt per stuk. Dat is het grootste type windmolen dat nu op de markt is.

Aanvankelijk werd er gedacht aan het aanleggen van één groot eiland in de Noordzee. Maar in de onderzoeksfase kwam men er gaandeweg achter dat het beter is om meerdere kleine eilanden te ontwerpen. De technisch optimale grootte van een hub ligt volgens het consortium op 10 tot 15 gigawatt capaciteit.

Hoger tempo nodig

De consortiumpartners wijzen erop dat een hoger tempo nodig is bij het aanleggen van offshore windparken in Europa om de klimaatdoelen van Parijs te halen. Dit gebeurt nu in een tempo van twee gigawatt per jaar, wat te weinig is om in de Noordzee in 2040 een totale capaciteit te bereiken tussen de 70 en 150 gigawatt.

Het Nswph-consortium is opgericht door de netbeheerders TenneT TSO (Nederland), Energinet (Denemarken), TenneT TSO GmbH (Duitsland) en Gasunie. Havenbedrijf Rotterdam is in een later stadium toegetreden.