Het bezwaarschrift van de gemeente is ondertekend door 28.850 burgers, dat van de vzw telt 4.832 handtekeningen. Samen zijn dat er meer dan dubbel zoveel als Knokke inwoners telt. In beide documenten wordt gevraagd om de zone voor een testeiland uit de mariene ruimtelijke planning (MRP) te halen. Die planning impliceert niet dat er wat wordt gebouwd of aangelegd, het stipuleert alleen wat kan en wat niet kan.

Door de uitbouw van de haven van Zeebrugge verzandt het westelijk deel van Knokke-Heist en moet er op het oostelijk deel voortdurend extra zand worden opgespoten om de kust te beveiligen tegen overstromingen. Dit kost Vlaanderen veel geld.

De aanleg van een kunstmatig eiland vormt misschien –hierover bestaat geen eensgezindheid– een goedkoper alternatief. Maar de Vlaamse havenbesturen zijn geïnteresseerd om hun onderlinge containervervoer via versterkte binnenschepen te laten verlopen langs een zeekanaal zonder zware golfslag. Dat is vermoedelijk goedkoper dan de uitbouw van de bestaande Leopold- en Schipdonkkanalen tot een Noorderkanaal, een project dat wellicht nog meer bezwaarschriften zou uitlokken.

Tegenstanders

Volgens de tegenstanders zou het eiland door de verminderde golfslag en de toegenomen scheepvaart, vervuiling met zich meebrengen en watersport bemoeilijken. Maar ook het provinciebestuur van West-Vlaanderen heeft bedenkingen. Het vreest dat bij maximale uitvoering van het plan de impact op toerisme en kustvisserij onaanvaardbaar zou zijn. De provincie pleit voor het behoud van het open zicht op zee.

Daarin toont de tegenstand gelijkenissen met het verzet dat bijna twintig jaar geleden tot stand kwam tegen de uitbouw van een windpark voor de kust. De tegenstanders haalden toen voor de rechtbank hun slag thuis, zodat de Belgische windturbines slechts veel verder uit de kust mochten worden gebouwd.

Voorwaarden

Staatssecretaris voor de Noordzee Philippe De Backer (VLD) bevestigt dat het eiland er ‘momenteel’ niet komt. ‘De voorwaarden gesteld in mijn MRP zijn niet vervuld. Zo moet wetenschappelijk worden aangetoond dat de gekozen plaats de beste plaats is om een eiland te bouwen, moeten alle mogelijke alternatieven worden onderzocht en tegen elkaar worden afgewogen en mag er geen negatieve impact zijn op het milieu. Tevens moet een risicoanalyse worden opgesteld voor de munitiestortplaats Paardenmarkt.’