In totaal gaat het om zeven nieuwe Airbus-toestellen, die behalve op Schiphol ook op luchthavens in El Salvador en Japan gestationeerd zijn. Door deze constructie vallen de toestellen niet onder de Amerikaanse tarieven, ook al vliegen ze met regelmaat naar de VS.

Met het slimmigheidje weet Delta broodnodige dollars te besparen. Gelet op de cataloguswaarde van de Airbus-toestellen gaat het naar schatting om in totaal 270 miljoen dollar, geen klein bier in coronatijd. Doorgaans weten maatschappijen bij vliegtuigmakers kortingen te bedingen, waarmee ook het heffingsbedrag in werkelijkheid lager ligt. Delta is de belangrijkste Amerikaanse klant van Airbus.

De regering-Trump legde eerder voor jaarlijks 7,5 miljard dollar aan handelstarieven op aan geïmporteerde goederen uit de Europese Unie. Dit gebeurde nadat wereldhandelsorganisatie WTO de VS in het gelijk had gesteld in een langlopende zaak over ongeoorloofde subsidies aan Airbus. Geïmporteerde vliegtuigen werden in eerste instantie voor 10% belast. Dat werd later 15%.

De VS zelf zouden zich schuldig hebben gemaakt aan het verstrekken van ongeoorloofde subsidies aan Boeing, aldus de WTO. Daarop werden door de EU voor 4 miljard dollar geïmporteerde goederen uit de VS extra belast.

Overigens is het niet heel vreemd dat Delta de vliegtuigen uitgerekend op Schiphol stalt. Delta Air Lines is lid van de SkyTeam-alliantie, het samenwerkingsverband dat bestaat uit twintig luchtvaartmaatschappijen uit vijf continenten en dat ook een vrachtalliantie heeft, ‘SkyTeam Cargo’, en die is gevestigd in het World Trade Center Schiphol Airport.