Normaliter gaat een kwart van de jaarlijkse Australische kersenproductie, rond de 5000 ton, naar het buitenland. Bijna de helft daarvan verdwijnt in de maag van rijke Chinese consumenten, inclusief Hong Kong, maar door het grote tekort aan luchtvrachtruimte dit jaar – 99% van de Australische kersenexport wordt vervoerd aan boord van passagiersvliegtuigen – dreigt dit keer een ramp voor de telers.

Vrachtvliegtuigen zijn het alternatief om de kersen toch nog op tijd de grens over te krijgen, maar de telers moeten opboksen tegen de rijke e-commerce aanbieders, techbedrijven en farmaceutische industrie om in die toestellen een plekje te bemachtigen. Dat betekent óf geen vrachtruimte óf tegen woekerprijzen. De geringe winstmarge op de kersenverkoop wordt dan al snel teniet gedaan door hogere transportkosten. Daardoor dreigt voor de verse Australische kersen mogelijk een weinig roemrijk einde in de jampotten van de nationale confituur-industrie.

Crisisplan

De Australische kersentelers werken samen met de centrale overheid aan een crisisplan om dat doemscenario te voorkomen. Het exportseizoen van de Australische kers begint in november en eindigt rond januari/februari. De regering in Canberra heeft voor die periode een zogeheten International Freight Assistance Mechanism geïntroduceerd om telers te helpen hun producten zo succesvol mogelijk te blijven exporteren. Daarbij wordt het luchtvrachtvervoer gesubsidieerd.

Uitgangspunt voor de steun is de marktwaarde van de kersen, afgezet tegen ander fruitsoorten. De kersen zijn volgens experts meer waard dan andere Australische exportproducten als de perzik en mandarijn. Of dat feit de kersen alsnog in buitenlandse magen doet belanden, moet nog blijken. Ondanks de overheidssteun verwachten experts dat de transportkosten voor de kersen 100% zullen stijgen. Of er daarmee nog markt is voor de Australische kers, valt te betwijfelen.