De coronacrisis heeft zeker voor de nabije toekomst voor een andere werkelijkheid gezorgd in de mondiale luchtvaart, maar de minister gaat er vanuit dat oude tijden snel zullen herleven. Daarom is er aan de inhoud van de nota – waar vreemd genoeg gebruik is gemaakt van luchtvaartdata uit 2018 – niets herschreven. Diverse luchtvaartanalisten kunnen de minister een geheel ander toekomstbeeld schetsen.

Het was dan ook verstandig geweest om de toekomstvisie uit te stellen, want een aantal actuele problemen voor Schiphol zoals de overlast en het wel of niet openen van Lelystad Airport zijn door de coronacrisis voor de komende jaren opgelost. Schiphol zal het oude niveau van 500.000 vliegbewegingen de komende jaren zeker niet halen. Het is dan ook vreemd dat de minister Lelystad Airport alsnog in 2021 wil openen en ook de Tweede Kaagbaan niet wil schrappen, ofschoon die amper milieu- of capaciteitsvoordelen biedt.

Een ander probleem met de luchtvaartnota is dat het geen concreet beleid biedt en dat was toch beloofd nadat Den Haag jarenlang de toekomst van Schiphol had overgelaten aan de polder. Meer regie was nodig vanuit de rijksoverheid voor Schiphol maar ook voor de regionale luchthavens zoals die van Maastricht. De nota biedt die nauwelijks en blinkt uit in mooie vergezichten, waarin een betere netwerkkwaliteit (lees meer vluchten) wordt gekoppeld aan een betere leefomgeving en er nieuwe beleidskaders moeten komen waarbij centraal blijft staan: ‘een goed functionerende luchthaven’ en ‘een succesvolle thuiscarrier’. Dat is oude wijn in nieuwe zakken.

Duidelijke keuzes blijven ook uit. Zo steunt de minister het initiatief van de regionale luchthavens (de meeste zijn al dochterbedrijven van Schiphol) om in een luchthavensysteem te acteren (lees: Schiphol neemt ze over) met Schiphol om er tegelijkertijd aan toe te voegen dat groei wel in de regio verankerd dient te zijn. Met andere woorden: ‘zoek het maar uit’.

De vrachtsector (ACN, Evofenedex en TLN) had ook om concreet beleid gevraagd nadat sinds 2017 meer dan 20% van zijn vrachtvluchten heeft verloren op Schiphol. Het antwoord van de minister in de nota is daarop ronduit teleurstellend. Als bestuurlijk wapenfeit ‘voor het behoud van de vrachtvluchten op Schiphol’ wordt in de nota de ‘local rule’ aangehaald, ofschoon die nog geen enkele extra vrachtvlucht heeft opgeleverd. Over een ander instrument, de vrachtpool, wordt intussen in de nota met geen woord gerept. De vrachtsector moet het stellen met de vage belofte dat Nederland in Brussel bij een nieuwe EU-slotverordening de belangen van de vaderlandse vrachtsector ‘in het oog zal houden’.

Dat is een magere score voor een sector die toch blijkens de luchtvaartnota al gauw een kwart van de toegevoegde waarde (2,7 miljard euro) van Schiphol levert en 30.000 banen. Daarnaast was het in april goed voor bijna de helft van het aantal vluchten op Schiphol. Misschien dat dit percentage – om precies te zijn 43,5% – het ministerie aanzet tot wat meer dadendrang. Het wordt hoog tijd.

Lees ook: Kabinet biedt luchtvrachtsector bitter weinig in nieuwe luchtvaartnota