Groen, verantwoordelijk bij de FNV voor de afhandelingssector op Schiphol, werkt nu aan een sector-cao voor de ruim drieduizend vaste krachten in de branche om een verdere erosie van arbeidsvoorwaarden en inkomsten een halt toe te roepen. ‘We moeten nu een bodem leggen in de markt, voordat het te laat is’.

Daarbij lijken de afhandelaars voor het eerst de neuzen in dezelfde richting te hebben als de vakbond, onderstreept hij. Voor de zeven bagage-afhandelaars, exclusief KLM, wordt al in het voorjaar een akkoord verwacht, zegt Groen. Dat moet uiteindelijk ook dienen voor een cao in de vrachtafhandeling, zegt hij.

De FNV-bestuurder verwacht bij de vier vrachtafhandelaars op Schiphol een akkoord over twee jaar. ‘Je hebt daar grote verschillen in de arbeidsvoorwaarden onderling. Zorgvuldigheid gaat hier boven haastwerk.’

Pool

Uiteindelijk zal er volgens de bestuurder meer moeten gebeuren om de branche financieel weer gezond te krijgen. Daarbij voorziet hij dat het groot aantal spelers in de markt zal worden teruggebracht. ‘Die moeten dan wel via een pool materiaal en eventueel personeel delen. Je kunt dan een stuk efficiënter werken tegen een betere kwaliteit dan in de huidige versnipperde markt.’

Volgens Groen telt de geliberaliseerde afhandeling op Schiphol behalve het luchthavenbedrijf zelf alleen maar verliezers. ‘Er is geen enkele afhandelaar die nu zwarte cijfers schrijft, terwijl de arbeidsvoorwaarden inmiddels tot op het bot zijn uitgekleed. Niet voor niets is het verloop in de afhandeling bijzonder hoog.’

Die aderlating heeft een direct gevolg op de vliegveiligheid.

De vakbondsman schat dat elk jaar de helft van het personeel in de afhandeling wegloopt en moet worden vervangen. ‘Wie wil er nog voor iets boven het minimumloon zwaar, onregelmatig en ongezond werk verrichten? Die aderlating heeft een direct gevolg op de vliegveiligheid’, zegt hij.

‘Afhandelaars moeten nieuw personeel weer opleiden en moeten werken aan de veiligheidscultuur. Door de moordende concurrentie en de schrale tarieven werken de meeste afhandelaars ook met zwaar verouderd materieel. Er is gewoon geen geld voor nieuwe investeringen. Het is op Schiphol gewoon een uitgewoonde en versleten bende.’

Egon Groen

Het grote probleem bij de afhandeling is volgens Groen de opstelling van concessieverlener Schiphol zelf. ‘Nergens in Europa is de liberalisering van de afhandeling, zowel op passage als bij de vracht, zo ver doorgeschoten als op Schiphol. Concurrenten als Frankfurt Airport en Parijs Charles de Gaulle Airport kennen maar twee afhandelaars, Schiphol zeven. Via die marktwerking heeft Schiphol de kosten van de afhandeling extreem kunnen verlagen, terwijl de schaarste aan het luchthavenplatform zorgt voor extreem hoge huren voor de afhandelaars.’

Ophaalbrug

Groen wijst er tevens op dat het concessiebeleid van Schiphol nauwelijks harde eisen stelt aan de afhandelaars. ‘Je moet een klant meebrengen, over loodsruimte kunnen beschikken aan het luchthavenplatform en voldoen aan minimale IATA-afhandelingseisen.’

De bestuurder zegt de problemen in de vrachtafhandeling al vaak aangekaart te hebben bij Schiphol, ‘maar daar is de ophaalbrug opgeklapt. Ze geven gewoon niet thuis. De luchthaven stelt spelregels, maar als het om de bedrijven zelf gaat, willen ze er niets mee te maken hebben. Dan gaat het om marktwerking en dan moeten de bonden het maar zelf uitzoeken met de bedrijven.‘

Verantwoordelijkheid

Volgens de vakbond is het zaak dat Schiphol de vergunningseisen voor afhandelaars aanscherpt en verantwoordelijkheid neemt. ‘De luchthaven garandeert de vliegveiligheid en de afhandeling is daar een onderdeel van. Er moeten dan ook sociale en kwalitatieve vestigingseisen komen voor alle spelers in de afhandeling. Daarbij dient 80% van het personeel in vaste dienst te zijn, zodat je kunt werken aan de opleiding en kwaliteit van de werknemers. Verder zijn kwaliteitswaarborgen en operationele standaarden noodzakelijk. Dat maakt het uitwisselen van personeel straks ook mogelijk.’

Schiphol zegt in een eerste reactie zich niet te herkennen in de kritiek van de vakbond en als concessieverlener ‘geen rol’ te hebben in de onderhandelingen tussen de sociale partners in de afhandelingssector.