Het is ‘politiek theater’ zeggen de tegenstanders, onder wie secretaris Ferdinand Kranenburg van verladersorganisatie EVO. ‘Amerikaanse politici willen aan hun burgers laten zien dat ze het beste voor hebben met hun veiligheid. De haalbaarheid van het plan komt op de tweede plaats’.

Kranenburg vreest een kettingreactie waardoor Europa ook barrières opwerpt voor Amerikaanse lading en Europa en Azië eveneens strengere eisen aan elkaar gaan stellen.

Door de strijd die Democraten en Republikeinen in de VS hebben gevoerd over de inhoud van de wet, is overleg met het buitenland erbij ingeschoten. Daardoor barst de wet nog van de onduidelijkheden en problemen, constateert de WSC. Wie moet scannen, wie betaalt het, met wat voor apparatuur en is die apparatuur wel gezond? Vooral het laatste is een belangrijke vraag. Havenbedrijf Rotterdam stelt dat het alleen kan gaan testen als zodanige voorzieningen worden getroffen ‘dat chauffeurs geen enkel risico lopen om bloot gesteld te worden aan enige vorm van straling’. En wat is met al dat gescan straks nog de zin van de AEO-certificering waarin Europa zoveel energie heeft gestoken? Een ding is duidelijk: het veiligheidsbeleid wordt er niet duidelijker op. Amerika geeft verder zelf niet bepaald het goede voorbeeld, aldus de WSC. ‘Amerika scant zelf vrijwel nul exportcontainers en het heeft geen plannen om dat te gaan doen.’