De Britse vervoerdersorganisatie FTA verwelkomt het feit dat Brussel in de strijd tegen terrorisme nu het ‘known shipper’-beginsel dat nu al geldt in de luchtvaart, naar andere modaliteiten wil uitbreiden. Maar de internationale wegvervoersorganisatie IRU ziet niets in dit plan en de Nederlandse verladersorganisatie EVO sluit zich daar bij aan.

De EVO vreest dat de plannen leiden tot een ‘versnipperde aanpak‘ bij de lidstaten met als gevolg hoge extra kosten voor het bedrijfsleven. De kosten van de logistiek zouden zelfs met 10 procent kunnen toenemen, heeft de organisatie uitgerekend. De EVO voorziet meer controles bij de grenzen, waardoor de flexibiliteit binnen de logistieke keten in het gedrang komt.De verladersorganisatie wijst erop dat ondernemers in het transport aan strenge eisen moeten voldoen, om in aanmerking te komen voor een certificaat dat aangeeft dat hun bedrijven terreurdreiging tot een minimum beperkt. Maar die eisen zullen in de EU van land tot land gaan verschillen, zo wordt gevreesd.

De IRU kan zich er wel in vinden maar benadrukt dat dat gebaseerd moet zijn op al bestaande systemen.

Een voorbeeld zijn de vrijwillige richtlijnen voor veiligheid in het wegvervoer zoals die in IRU-verband in 2004 door wegvervoersorganisaties in meer dan zeventig landen zijn opgesteld. In die richtlijnen is voorzien in nauwe afstemming van het veiligheidsbeleid tussen de betrokkenen . Dat is voldoende; ‘Brussel‘ moet daar niet een bak aan nieuwe regelgeving overheen gooien, vindt deze organisatie. Een uitzondering is de Britse FTA. Deze zegt zelf jarenlang in Brussel te hebben gepleit voor één geharmoniseerd stelsel dat is gebaseerd op het ‘known shipper‘-systeem in de luchtvaart. Er moet in Europa één kwaliteitslabel voor vervoerders komen die zich door allerlei maatregelen voldoende indekken tegen terrorisme, aldus de FTA. Een groot voordeel is, zegt de organisatie, dat lading die wordt vervoerd door gecertificeerde vervoerders, niet of nauwelijks te maken krijgt met controles onderweg. De scheepvaart zat er niet echt te wachten. ,,Weer nieuwe maatregelen?”, reageert een woordvoerder van de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) verbaasd. ,,Onze sector heeft met de ISPS Code al een internationaal regime met allerlei eisen en maatregelen, waaraan de meeste havens en rederijen voldoen.”

De Nederlandse rederijen hebben van de huidige antiterreur-maatregelen al genoeg last, vinden ze. Scheepvaartnatie Nederland staat al anderhalf jaar lang op een zwarte lijst van de Amerikaanse kustwacht, waardoor Nederlandse schepen in de VS extra worden gecontroleerd. De KVNR zegt nog steeds goede hoop te hebben dat Nederland spoedig van deze zwarte lijst wordt gehaald. ,,Nederlandse reders hebben de afgelopen tijd een goed trackrecord, dus Nederland moet nu toch geschrapt kunnen worden.”