Voorzitter James Clyburn van de coronacrisis-commissie van het Amerikaanse Congres schrijft nu in een brief dat die steun aan de vier vrachtairlines ‘schijnbaar’ onterecht is ontvangen aangezien ze de afgelopen maanden ‘financieel succesvol zijn geweest’  en derhalve geen PSP-steun nodig hadden om werknemers in dienst te houden. Hij eist het geld dan ook terug indien de vier carriers geen bewijzen kunnen overleggen dat de staatssteun rechtvaardigt.

Baanbehoud

‘Het niet terugbetalen van de fondsen aan de het ministerie van Financien is in strijd met de duidelijke bedoeling van de maatregel om banen te behouden in de luchtvaartindustrie en werknemers in de sector te compenseren voor verlies aan inkomen’, schrijft hij verder. Dat besluit was mede genomen om massa-ontslag in de grote Amerikaanse luchtvaartsector te voorkomen. De maatregel liep overigens eind september af.

Atlas Air ontving in het kader van de maatregel het leeuwendeel van de staatssteun (406 miljoen dollar). Die staatssteun steekt volgens Clyburn schril af tegen de de winst van de vrachtmaatschappij die over het tweede kwartaal van het gebroken boekjaar door de grote vraag naar vrachtvluchten steeg met 300% . Atlas Air zag tevens de beurswaarde stijgen met 45% sinds het begin van het jaar.

Geprofiteerd van crisis

Kalitta Air ontving ruim 161 miljoen dollar aan overheidssteun ofschoon de vrachtmaatschappij wordt omschreven als een ‘perfect voorbeeld’ van een Amerikaanse onderneming die wel ‘breed profiteerde’ van de coronacrisis. Western Global Airlines toucheerde 34 miljoen dollar aan belastinggeld, maar werd door kredietanalist Moody’s Investors Service juist omschreven als een onderneming dat ‘de vraag naar vrachtdiensten sterk zag stijgen door de pandemie’.