Die conclusie trekken criminologen van Bureau Beke. Zij hebben in opdracht van de gemeente Haarlemmermeer het afgelopen jaar de ondermijning op Schiphol in kaart gebracht.

Criminelen rekruteren volgens het rapport medewerkers met een Schipholpas, om zo toegang te krijgen tot afgeschermde en beveiligde delen van de luchthaven. Een klein deel van die 56.800 pashouders, zo’n 2.300, kan in beveiligd gebied komen, waaronder bagagekelders.

Hoeveel medewerkers crimineel actief zijn, is niet bekend. Wel zijn de onderzoekers ervan overtuigd dat het gaat om ‘uiteenlopende functies, processen en locaties’. Deze werknemers, zoals bijvoorbeeld schoonmakers, bagageafhandelaars en onderhoudspersoneel, worden geronseld door criminelen en soms geïntimideerd.

De controle op het rechtmatig gebruik van die passen schiet volgens de  onderzoekers schromelijk tekort. Zo blijken passen van werknemers die niet meer op de luchthaven werken nog steeds toegang te geven tot bepaalde gebieden.

ACN-pas

Om op het vrachtareaal van Schiphol te komen, dienen medewerkers te beschikken over een speciale ACN-pas, waarvan er ongeveer 4.100 in omloop zijn. Een deel van de medewerkers, met name die van de afhandelingsbedrijven en expediteurs op en rondom Schiphol, heeft toegang tot gedetailleerde vlucht- en vrachtinformatie. ‘De kennispositie van deze Schipholpashouders maakt hen kwetsbaar voor benadering door criminele samenwerkingsverbanden’, concludeert het rapport.

Een andere kwetsbaarheid die in het onderzoek wordt genoemd is dat sommige pashouders dermate bekend zijn vanwege hun frequente bezoeken, dat beveiligers hen bij herkenning toegang verlenen zonder verdere controle. Dit bleek onder meer toen de pas van een bekende chauffeur enige tijd niet functioneerde, maar hij consequent werd toegelaten tot het beveiligde terrein.

Air Cargo Nederland (ACN) trekt ongeveer tien passen per jaar in wegens onregelmatigheden, zoals het laten slingeren van de pas of pasgebruik terwijl de pashouder van werkgever is veranderd. Drugssmokkel is volgens het onderzoeksbureau het belangrijkste ondermijnende criminaliteitsprobleem op Schiphol. Het gaat dan voornamelijk om import van cocaïne en de uitvoer van synthetische drugs via de passagiers-, bagage- en de vrachtstroom.

Bij drugssmokkel via de vrachtstroom wordt in het rapport onderscheid gemaakt tussen gemanifesteerde en ongemanifesteerde vracht. Gemanifesteerde vracht betreft reguliere en geregistreerde zendingen die kunnen worden verstuurd door bonafide bedrijven, maar ook door dekmantelbedrijven, die met het oog op drugscriminaliteit zijn opgezet.

Deze vorm van criminaliteit is gericht op smokkel ‘door de controle heen’. Dat wil zeggen dat de drugs bij x-ray-scans niet worden opgemerkt, maar alleen bij tijdrovende fysieke controles. ‘Smokkelen van verboden middelen in gemanifesteerde vracht gebeurt zeer professioneel en vernuftig, onder meer via geijkte zendingen, zoals bloemen’, zo valt te lezen in het onderzoek.

Zijn de drugs eenmaal ‘door de controle heen’ gesmokkeld, zijn er (in principe) geen Schipholpashouders nodig om de drugs veilig te stellen. Dat gebeurt buiten Schiphol, bijvoorbeeld bij een logistiek bedrijf of bloemenhandel.

In hoeverre Schipholpashouders wel een rol (kunnen) spelen bij het uithalen en veiligstellen (oftewel doorvoeren) van verdovende middelen in gemanifesteerde luchtvracht, hangt samen met de kennispositie van de pashouders en de fysieke toegang die zij hebben tot de luchtvracht.

Uithaalproces

‘Informatie over de aankomsttijd, vluchtnummer en de betrokken afhandelaar is cruciaal voor criminele samenwerkingsverbanden, omdat zij deze informatie nodig hebben bij de organisatie van het fysieke uithaalproces’, stellen de onderzoekers.

Tijdens het afbouwproces ontstaan volgens het rapport kansen voor loodsmedewerkers van een afhandelaar om losse bijgepakte pakketten drugs eruit te halen. ‘Vanwege hoge stellingen en stapels met luchtvracht in een afhandelloods is het cameratoezicht vaak niet volledig dekkend. Dit stelt loodsmedewerkers in staat om in het verlengde van hun reguliere werkzaamheden drugspakketten uit te halen en te verplaatsten.’

Bij smokkel via ongemanifesteerde vracht worden de drugs ‘kaal’, dus niet genummerd of geregistreerd, in het vliegtuig verstopt. Daarbij worden grofweg drie werkwijzen toegepast: smokkel in geprepareerde AKE-containers of in ULD- of PMC-pallets, smokkel via postzakken, drugs verstoppen in het passagiersgedeelte of technische deel van het vliegtuig.

‘Zo worden bijvoorbeeld pakketten gevonden aan de bedrading, in de vliegtuigvleugel of bij de brandstoftank. Dit soort zendingen zijn een grote zorg van de KLM, omdat ze de vliegveiligheid in gevaar kunnen brengen’, waarschuwt het rapport.

‘Bij deze laatste methode zijn bijna per definitie Schipholpashouders betrokken bij het veiligstellen van de drugs. Het plaatsen en uithalen van drugs vergt organisatie: zicht en/of invloed op de roosters van pashouders om (bereidwillige) criminele actoren op de juiste tijd en plaats te positioneren.’

Uit het rapport komt naar voren dat ladingdiefstal op Schiphol slechts incidenteel voorkomt. Wel vragen de onderzoekers zich hardop af of gedupeerde bedrijven altijd aangifte doen om hun ‘goede naam’ niet op het spel te zetten. ‘Mogelijk onderzoeken ze de diefstal zelf.’

ACN: afhandelaars moeten vrachtpas wel controleren

Luchtvrachtkoepel ACN gaat naar aanleiding van de bevindingen van de onderzoekers de vrachtbedrijven op Schiphol ‘aanzetten’ om de interne controleprocedures zo aan te passen dat er een strikte naleving komt op het gebruik van ACN-pas.

Zo stellen onderzoekers vast dat het veiligheidspersoneel bij de vrachtafhandelaars de vaste procedures niet altijd naleeft en vrachtwagenchauffeurs niet consequent controleren op het bezit van de ACN-pas. Het veiligheidspersoneel is geneigd de poorten te openen omdat ze de chauffeurs kennen. Dat mag en kan niet, aldus de belangenorganisatie.

‘De vrachtpas moet bij iedere aankomst en vertrek gescand worden op geldigheid. Alleen dan mag de slagboom of het hek geopend worden en verkrijgt de gebruiker toegang tot het terrein.’ ACN wijst er verder op dat alleen de ACN-pas toegang biedt tot het vrachtareaal en niet de Schipholpas.

De belangenorganisatie onderstreept bovendien dat de luchtvrachtstromen sinds begin 2013 streng worden gereguleerd en uitsluitend geregistreerde partijen, zoals erkende luchtvrachtagenten, bekende afzenders en zogeheten vaste vervoerders rechtstreeks vracht mogen aanleveren op Schiphol.  Zo ontstaat een veilige luchtvrachtketen. Het gaat hier om zogeheten gemanifesteerde vracht. Niet om luchtpost of pakketpost van koeriersbedrijven’, aldus ACN.

Uit het onderzoek ‘Ondermijning op en rond luchthaven Schiphol’ blijkt ook dat er maar een beperkt aantal incidenten plaatsvindt met betrekking tot gemanifesteerde vracht (2018: 29 op 1525 incidenten). Dat komt neer op 1,9% van alle gevallen. Het merendeel komt voor rekening van luchtpost, benadrukt de belangenbehartiger.