Slapeloze nachten hoeft de transportsector in aanloop naar de Tweede Kamer-verkiezingen beslist niet te hebben. De politieke partij die volgens de opiniepeilingen alle mededingers straks met boter en suiker gaat inmaken, schrijft in haar programma belang te hechten aan ‘de groei van Schiphol en de Rotterdamse haven zodat Nederland als handelsland verbonden blijft met de wereld’. De VVD, want over die partij hebben we het natuurlijk, stelt dat ze haar verkiezingsprogramma, dat uitdrukkelijk nog een ‘concept’ wordt genoemd, heeft geschreven in eendrachtige samenwerking ‘met 25.000 VVD-leden’ en spreekt van ‘nieuwe keuzes voor een nieuwe tijd’. Analisten concludeerden al dat de VVD met het programma wat naar links opschuift.

Vers asfalt

Het huidige kabinet legde met welgeteld 207 kilometer vers asfalt aanzienlijk minder nieuwe wegen aan dan voorgaande regeringen, maar dat betekent niet dat de VVD zijn imago van ‘asfaltpartij’ in het verkiezingsprogramma definitief wil afschudden. Extra investeren in onder meer autowegen is volgens de partij nodig om knelpunten op te lossen en verbindingen met buurlanden te verbeteren. De stikstofregels zijn daarbij niet altijd heilig voor de VVD. Op het wegennet gaat veiligheid boven milieu-eisen, aldus het partijprogramma: ‘Noodzakelijk onderhoud en renovatie aan wegen, bruggen en dijken kan altijd doorgang vinden, ongeacht de stikstofuitstoot die daarmee gepaard gaat.’ En als de stikstofuitstoot in Nederland eenmaal voldoende is geslonken, bijvoorbeeld dankzij emissieloos rijden, dan wil de VVD de maximum snelheid van 130 kilometer per uur overdag nieuw leven inblazen. In de avond moet die snelheid sowieso gelden, aldus de liberalen.

Ongebreideld fossiele brandstoffen verstoken, is er ook voor de VVD evenwel niet meer bij. Klaas Dijkhoff en de zijnen pleiten voor ‘aanscherping van de (Europese) normen voor de uitstoot van CO2 door personenauto’s, bestelbussen en vrachtwagens. Dit dwingt fabrikanten te investeren in schonere motoren’. Bij het ontwerpen van nieuwe infrastructuur wil de partij rekening houden met intelligente transportsystemen zoals zelfrijdende voertuigen.

Ook wil de VVD wil dat berijders van elektrische of andere emissieloze auto’s een kilometerheffing gaan betalen. Omdat uiteindelijk iedere auto emissieloos is, zal iedereen op termijn overgaan van het betalen van accijns op deze kilometerheffing.

De op na grootste partij in de peilingen, de PVV, had bij het ter perse gaan van deze krant nog geen verkiezingsprogramma gepubliceerd, maar het CDA, huidig coalitiepartner van de VVD, kwam wel op de proppen met haar conceptprogramma ‘Zorg voor elkaar’.

Mautheffing

De christen-democraten willen ‘een omvangrijk crisis- en herstelpakket voor investeringen in de woningbouw, infrastructuur, digitalisering, innovatie en duurzaamheid’ en zien ‘nieuwe kansen in grensoverschrijdende infrastructuur’. Het CDA wil voor de aanleg ervan ‘procedures versnellen om sneller resultaten te boeken’.

De andere coalitiepartner in het huidige kabinet, D66, dringt, net als overigens de VVD, aan op de modal shift naar het water en het spoor en stelt onder meer voor om het goederenvervoer op het spoor meer ‘te concentreren, om op andere sporen meer ruimte vrij te maken voor personenvervoer, bijvoorbeeld tussen Brabantse steden.’ In minimaal 45 binnensteden wil D66 in 2025 milieuzones voor personen- en bestelauto’s hebben, een uitbreiding in vergelijking met de 30 uit het bestaande klimaatakkoord.

De PvdA, die na de 9 zetels van vier jaar geleden iets uit het dal lijkt te klauteren maar al heeft aangegeven alleen samen met GroenLinks te willen regeren, bepleit in haar programma (‘voor een eerlijker en fatsoenlijker Nederland’) de invoering van de Maut op de Nederlandse wegen: ‘In navolging van Duitsland belasten we het vrachtverkeer zwaarder met een zogeheten Mautheffing.’ De VVD wil ‘een vignetsysteem waarmee buitenlandse chauffeurs gaan meebetalen aan de Nederlandse wegen’.

GroenLinks stelt onder het motto ‘Tijd voor nieuw realisme’ voor om te bouwen aan ‘een landelijk dekkend netwerk van laadpalen en snellaadstations voor elektrische (vracht)auto’s.’ Ook willen Jesse Klaver en de zijnen investeren in walstroom voor de scheepvaart en de elektrische binnenvaart stimuleren.

Binnenvaart

De binnenvaart mag in alle verkiezingsprogramma’s op aandacht rekenen. De VVD stelt goede binnenvaartverbindingen te willen bewerkstelligen door de bedientijden van sluizen en bruggen beter aan te sluiten op elkaar en op het (spoor-)wegverkeer. De liberalen willen de binnenvaart eveneens groener maken. Zo willen ze investeren in Clean Energy Hubs voor de binnenvaart waar binnenvaartschepen alternatieve energiebronnen zoals waterstof kunnen bunkeren en batterijen opladen. De VVD is verder voorstander van subsidieregelingen voor schonere motoren voor de binnenvaart. ‘Duurzame binnenvaartschepen behouden het recht op korting voor havengelden.’

Ook het CDA wil schonere scheepsmotoren voor binnenvaartschepen subsidiëren. En: ‘We passen afspraken met de Rijnlanden aan om accijns te kunnen heffen op binnenvaart en een prijs te vragen voor (lucht)vervuiling.’ Hugo de Jonge en zijn partijgenoten willen daarnaast een ‘transparantere marktordening met meer onderhandelingskracht voor de schipper’ bewerkstelligen, ‘en hogere tarieven die meer in verhouding staan tot de investeringen die schippers doen.’

In de zeehavens willen de huidige regeringspartijen net als GroenLinks meer walstroomvoorzieningen. Het CDA pleit voor Europese afspraken over zowel de walstroom en als over andere maatregelen voor de scheepvaart. D66 denkt er hetzelfde over: ‘De havens van Rotterdam, Amsterdam, Zeeland, Noord-Holland en Groningen zijn van grote waarde voor onze economie. De scheepvaart groeit enorm en daarmee de uitstoot. Om een verdienmodel voor de toekomst te scheppen zijn investeringen in verduurzaming nodig. We zetten ons in voor een wereldwijde minimum accijns op brandstoffen voor scheep- en luchtvaart. Als genoeg landen dat toepassen, kunnen boten minder makkelijk over de grens tanken’.

Over het beprijzen van de luchtvaart zijn de partijen het in hun verkiezingsprogramma’s behoorlijk eens. Zo wil ook de VVD er in internationaal verband voor zorgen dat de vrijstelling voor accijns op kerosine wordt afgeschaft. ‘Wanneer er goede internationale afspraken zijn gemaakt, vervalt de nationale vliegbelasting.’ De VVD wil tevens een Europese bijmengverplichting voor duurzame luchtvaartbrandstoffen. ‘Indien deze bijmengverplichting op Europees niveau niet haalbaar blijkt, volgen er nationale maatregelen, zoals de mogelijkheid om op Nederlandse luchthavens bio- of synthetische kerosine te tanken.’ De VVD wil verder onder meer investeren in het elektrisch taxiën van vliegtuigen op de Nederlandse luchthavens.

Waterstofhub

Het verplichte bijmengen van schonere brandstoffen komt in verschillende programma’s terug. Zo wil GroenLinks een verplichting voor vliegtuigen, schepen, vrachtwagens en landbouwmachines om schone brandstoffen bij te mengen, zoals synthetische kerosine, groene methanol en bio-lng.

Plannen om Schiphol op te doeken, heeft niemand, maar GroenLinks wil wel ‘afstappen van de mainportstrategie die vooral is gericht op fossiele (lucht-)havens’ en in plaats daarvan kiezen voor een ‘groene industriepolitiek’.

De verschillende partijen zien eensgezind een grote rol weggelegd voor Nederland als internationale waterstofhub. ‘Er liggen grote kansen voor Nederland om een spil te worden in de Europese handel in waterstof’, schrijft D66. ‘We hebben de opslagcapaciteit bij Rotterdam en Amsterdam, en de zeehavens als internationaal logistiek knooppunt.’ VVD wil, net als D66, in die ‘waterstofeconomie’ een belangrijke rol geven aan Groningen, onder meer als ‘Europees kenniscentrum’. GroenLinks wil de oude gasleidingen gebruiken voor het transport van waterstof en een waterstofeiland op zee aanleggen.

Nearshoring

Ook het fenomeen ‘nearshoring’ mag in de Nederlandse politiek op unanieme goedkeuring rekenen. Iedereen is er voorstander van om kritieke producten zoals medicijnen en medische apparatuur dichterbij huis te laten plaatsvinden, om zo minder afhankelijk te worden van landen als China. De CDA noemt het een ‘Made in Europe-strategie’. Met een ‘Protected by Europe-strategie’ willen de christen-democraten bovendien zorgen dat vitale sectoren en diensten, bijvoorbeeld havens en landbouwgrond, ‘niet te afhankelijk worden van andere landen’.

Ook de cybercriminaliteit willen de partijen daadkrachtiger bestrijden. Het CDA wil daarvoor een Nationale Cybersecurity Coördinator aanstellen. De VVD wil meer samenwerking tussen havens, niet alleen om een gezamenlijke verdedigingslinie tegen cyberdieven te bouwen, maar ook om ‘uitdagingen’ als digitalisering en verduurzaming aan te pakken.

Havens, luchthavens en een sterke digitale en financiële sector zijn vestigingsvoorwaarden die ons land ook voor criminelen aantrekkelijk maken, schrijft het CDA, en daarom is het volgens die partij zaak om met het bedrijfsleven bindende afspraken te maken ‘om de weerbaarheid tegen criminele invloeden te vergroten en de poortwachtersfunctie bij kwetsbare branches te versterken’.