Wie erop rekent dat de gezondheidszorg in Nederland na de coronacrisis een reusachtige kapitaalinjectie krijgt om capaciteitsproblemen voortaan onmogelijk te maken, zal bedrogen uitkomen. ‘In 2030 kom je minder makkelijk in aanmerking voor professionele zorg en speelt preventie een belangrijke rol’, aldus een zinsnede uit het rapport ‘De juiste zorg met de juiste logistiek’, medio mei gepubliceerd onder regie van onderzoeksinstituut TNO.

Om de vergrijzing en de tekorten aan zorgpersoneel en mantelzorgers het hoofd te bieden, wil de overheid de ziekenhuizen en verzorgingstehuizen ontlasten en zorg zoveel mogelijk thuis laten plaatsvinden. De zorg moet, met een duur woord, ‘extramuraliseren’. Een goedgunstige uitleg van de gang der zaken is, dat burgers zodoende langer thuis kunnen blijven, ‘participeren in de samenleving’ en ‘zelf de regie in handen houden’.

Zelfs nu, nog voordat die verhuizing van zorgbehoevende Nederlanders naar hun eigen huis echt moet gaat accelereren, is er sprake van een ‘spaghetti aan stromen naar cliënten in de extramurale zorg’. Aldus het genoemde onderzoeksrapport, waaraan naast TNO onder meer ook logistiek instituut Dinalog en de bedrijven PostNL, Fietskoeriers.nl en CB (Centraal Boekhuis) meewerkten.

Gefragmenteerd

Volgens de onderzoekers is er weinig zicht op de kluwen van zorgdiensten, van goederen die geleverd worden en van financiële stromen, doordat ze gefragmenteerd zijn en verspreid over tal van verantwoordelijke partijen.

Hoe meer ‘extramuralisering’, hoe meer fragmentatie, en bij de distributie van goederen betekent dat een toename van kleinere zendingen naar een groter aantal adressen. In de medische wereld is de fragmentatie van zendingen toch al groter dan in andere branches, omdat er relatief veel spoedzendingen zijn en vaak speciale eisen gelden. De logistieke sector kan volgens de onderzoekers optreden als reddende engel. ‘Omdat deze sector veelvuldig gebruikmaakt van nieuwe technologische ontwikkelingen en het gewend is om adaptief te moeten zijn aan veranderingen in de maatschappij’.

Bestaande logistieke concepten kunnen volgens de onderzoekers niet zomaar worden gekopieerd: er is werk aan de winkel om voor de bediening van thuispatiënten specifieke oplossingen te bedenken. ‘Er is veel kennis over het inrichten van logistieke oplossingen in Nederland, ook in de zorg, maar een centrale visie op de integrale logistieke ontwikkeling die ten dienste staat van zorg en ondersteuning thuis onder regie van de burger zelf, is er nog niet.’

PostNL, dankzij zijn 3,5 miljoen pakketten met medische producten per jaar een belangrijke partij, ziet door de extramuralisering onder meer een toename van de bezorging van (gekoelde) medicatie, incontinentiemateriaal en andere hulpmiddelen. Ook het bezorgen en instellen van medische apparatuur, het ophalen van vuile was (en het bezorgen van schone) en de logistiek rondom thuistesten voor laboratoria nemen toe als mensen meer thuis worden behandeld. Tevens zorgt preventie volgens de vervoerder voor extra goederenstromen, zoals de leveringen aan drogisterijen en thuisleveringen van dieetmaaltijden en voedingssupplementen. Ook niet-medische producten, zoals de normale dagelijkse boodschappen, moeten vaker worden bezorgd als hulpbehoevende mensen vaker zorg thuis krijgen.

Bij de traditionele ‘intramurale zorg’, die in ziekenhuizen en verzorgingstehuizen dus, worden logistieke stromen waar mogelijk gebundeld, bijvoorbeeld als er opslag mogelijk is. Ook bij de extramuralisering moet bundeling van stromen volgens de onderzoekers een van de ambities zijn, onder meer om voertuigbewegingen in woonwijken te beperken.

Onduidelijk verdienmodel

De rapporteurs zouden bedrijven graag zien samenwerken, maar beseffen dat er op dit gebied ‘grote uitdagingen’ zijn. Netwerken kunnen niet zomaar aan elkaar worden gekoppeld omdat die zijn geoptimaliseerd voor eigen activiteiten, terwijl ook concurrentiegevoeligheid een belangrijke rol speelt. Ook het verdienmodel is volgens de onderzoekers onduidelijk (‘wie krijgt waarvoor betaald, zonder dat iedereen kilometers claimt?’)

Naast logistieke barrières zijn er volgens de onderzoekers ook wettelijke. Mededingingsregels bijvoorbeeld. En leveranciers van zorgapparatuur zoals een bed of traplift worden geacht om die niet alleen te leveren, maar ook zelf te installeren. Dergelijk werk mag volgens de wet niet uitbesteed worden. De onderzoekers pleiten ervoor om per product te bekijken of een logistieke dienstverlener de levering én installatie toch kan overnemen.

Ook andere medische leveringen behelzen vaak meer dan alleen het overhandigen van een pakket. Medische apparatuur moet geïnstalleerd worden, medicijnen vergen bij eerste gebruik een toelichting. Maar daarnaast zijn er volgens het rapport genoeg reguliere ‘niet-complexe’ stromen die in theorie kunnen worden gebundeld.

Naast horizontale samenwerking zijn er ook andere mogelijkheden om goederenstromen te bundelen, aldus de onderzoekers. Via hubs met name. Als goederen worden afgeleverd bij een centraal punt, bijvoorbeeld een wijkservicecentrum of stedelijk consolidatiecentrum, kunnen ze daar in een keer worden opgehaald door of namens de klant.

De rapporteurs noemen de zorgsector ‘relatief conventioneel’ en zien ‘een toenemende urgentie aan innovatieve mogelijkheden die aansluiting kunnen vinden bij het zorgproces van de toekomst’. Zo is er volgens hen behoefte aan een universeel systeem waarmee bezorgdiensten medicijnen die niet door een gewone brievenbus passen, toch bij de consument kunnen deponeren. Een ‘bezorgbox’, het liefst in een gekoelde variant. Al werkt PostNL ook aan een veilige verpakking voor medicijnzendingen die wel door de brievenbus passen. Ook in het slimme slot zien de onderzoekers toekomst: een elektronisch deurslot dat door de bezorger kan worden geopend met een app, met toestemming van de klant uiteraard.

Ook met avondlevering, autonome voertuigen, fietskoeriers en zelfs 3D-printen (dat meer toegesneden, lokale productie mogelijk maakt) is volgens het onderzoeksrapport winst te halen.

De klant wordt zelf een van de spinnen in het logistieke web, want de ‘zelfredzaamheid’ die in het nieuwe zorgsysteem gemeengoed wordt, gaat straks gepaard met digitale uitwisseling van gezondheidsgegevens. De Persoonlijke Gezondheids Omgeving (PGO) waarin dat gaat gebeuren, is in ontwikkeling; meerdere ICT-bedrijven zijn er inmiddels voor gecertificeerd. De komende jaren zullen de zorgaanbieders op het systeem worden aangesloten.

Door gezondheidsdata en de logistiek meer met elkaar te verbinden, kunnen er volgens de onderzoekers grote voordelen worden behaald in het voorspellen van logistieke stromen en supply chain-activiteiten. ‘Hiermee kunnen onnauwkeurige opslag van goederen, wanbeheer, onnodig afval (bijvoorbeeld te veel medicatie), ophoping van transport en energieverbruik voorkomen worden.’