Niets is ervan terechtgekomen. De wereldpolitiek laat ik nu maar even buiten beschouwing om me op het energiebeleid te richten. Dat Nederland van de kolen af moest, was wel duidelijk. Ons werd een CO2-vrije toekomst voorgespiegeld dankzij de zogenoemde afvang van dit broeikasgas. Intussen kwamen er kolencentrales bij en van de afvang werd weinig meer vernomen. Nederland moest van het gas af, na de zoveelste aardbeving in Groningen. Maar als ‘overgangsmaatregel’ naar een ‘duurzame’ toekomst werd de hybride truck gestimuleerd, dus een voertuig dat op oude en semi-oude fossiele brandstof rijdt.

De gemeenste instinker die we sindsdien hebben uitgevonden is die van het elektrisch rijden: schoon en fluisterstil. Maar hoe schoon eigenlijk? Lang niet al onze stroom kan worden opgewekt met windparken en zonne-energie. In de praktijk rijden veel elektrische voertuigen op stroom die door onze oude fossiele ‘bodemschatten’ worden opgewekt, of door ‘biomassa’, feitelijk in de Verenigde Staten en delen van Azië gevelde bomen die in pelletvorm naar onze havens worden aangevoerd. Als dit per saldo al milieuwinst zou opleveren, is deze gering. Biomassa in deze vorm is sowieso alleen maar een tussenstap.

De oplossing bieden alleen energievormen die werkelijk zoden aan de dijk zetten. Tien jaar geleden werd waterstof nog weggelachen: niet efficiënt te produceren, moeilijk te transporteren, onrendabel. Net als kernfusie trouwens. Het beeld wordt langzaam bijgesteld. Waterstof, eigenlijk vrij leverbaar en zonder veel moeite te produceren, begint eindelijk een plaatsje in onze energiehuishouding te veroveren. Er komt ook een dag dat kernfusie meer oplevert dan de opwekking ervan kost.

De afgelopen tien jaar hebben me niet vrolijk gestemd. Obama werd afgelost door iemand tegen wie een afzettingsprocedure loopt. In het Midden-Oosten werden oude dictators voor nieuwe verruild. Laten de komende tien jaar de decade van waterstof worden. Schoon voor iedereen en overal verkrijgbaar.