Grote handelsblokken als de VS, China en de Europese Unie liggen op ramkoers.

Daar heeft het wel de schijn van, maar er is alle aanleiding het beeld te relativeren. VS-president Donald Trump ligt met China vooral overhoop over de toenemende Chinese dominantie op de wereldmarkt voor hoogtechnologische goederen. Terwijl in menige Chinese stad de hamburgertenten ‘American Style’ oprukken, wil Trump concerns uit dat land, zoals Huawei, in de States de voet dwarszetten, om de eigen hightech- en media-industrie te beschermen. Op dat niveau is er zeker wel sprake van een toenemend protectionisme, van wederzijds argwaan zelfs, maar dat belemmert de internationale goederenhandel verder niet wezenlijk.

Voorbeelden?

Trump toont zich op veel terreinen vrij inschikkelijk. Zo wist Jean-Claude Juncker, de scheidend voorzitter van de Europese Commissie, onlangs met zekerheid te melden dat de VS zullen afzien van importheffingen voor Europese auto’s. Trump dreigde daar wel mee, de invoer zou tot wel 25% duurder worden. Maar ook de Amerikaanse handelsminister, Wilbur Ross, heeft al gewag gemaakt van ‘goede gesprekken’ met de Europese autoindustrie, die tariefsverhogingen bij import voor de Amerikaanse markt onnodig kunnen maken. De Amerikaanse regering sloot bovendien in augustus een handelsakkoord met de EU over de uitvoer van Amerikaans vlees naar Europa. Daarbij bedong de Unie met succes, dat dit vlees ‘hormoonvrij’ zou zijn en dus niet genetisch gemanipuleerd. Het akkoord schept ook een precedent voor andere agrarische importen uit de VS, zoals producten uit de landbouw, die voor de Europese markt gegarandeerd niet met genetische middelen mogen zijn gemanipuleerd.

Zo’n voorbeeld is misschien ook het handelsakkoord dat de EU ruim een week geleden met China sloot.

Ja. Dat is een geweldige doorbraak. Deze twee handelsblokken hebben voor het eerst afgesproken dat ze bepaalde producten met een unieke herkomst, denk aan kazen, wijnen, whisky’s, thee, rijst en fruit op elkanders markten zullen beschermen. Chinese theesoorten zullen dus voortaan met naam en toenaam als zodanig in Europa worden verkocht. Omgekeerd gaat China erop toezien dat een echte roquefort als Franse kaas op de Chinese markt afgezet en niet klakkeloos mag worden nagemaakt als was het een Frans product. China en de EU hopen nu, in de loop van volgend jaar, ook overeenstemming te bereiken over betere bescherming van investeringen van Europese bedrijven in China. China heeft er geen moeite mee om met een machtig handelsblok als de EU te onderhandelen. Het land heeft nu op een reeks terreinen handel te drijven op grond van akkoorden met 26 individuele Europese landen. Dat is onhandig, omdat het Europese bedrijven van investeringen in China weerhoudt en omgekeerd Chinese bedrijven de gang naar de EU bemoeilijkt. Het nu gesloten ‘kaas-en-thee-akkoord’ kan de onderlinge handel enorm bevorderen.

Big deal, maar zijn dat geen druppels op een gloeiende plaat?

Veel druppels maken ook een hele plas water. Neem het handelsverdrag dat de EU vorig jaar sloot met Japan, in omvang nog steeds de derde economie ter wereld. Daarin zijn afspraken gemaakt over een grotere vrijhandel in producten en diensten, bescherming van wederzijdse investeringen, intellectuele eigendom, rechten van werknemers aan weerszijden, voedselveiligheid en vermindering van de douaneformaliteiten. Over het verdrag is vier jaar onderhandeld. Het dekt meer dan 99% van de gehele onderlinge handel.

Medio dit jaar sloten de EU en Vietnam, een snel opkomende economie in Zuidoost-Azië, een nieuw vrijhandels- en investeringsverdrag. De onderlinge douanetarieven worden op grond daarvan tot 0% teruggebracht, voor vrijwel alle producten en diensten. Dat moet binnen tien jaar gebeurd zijn.

Op 21 november aanstaande treedt het nieuwe handelsverdrag in werking tussen de EU en Singapore, één van de grootste handelspartners van de Unie in deze Aziatische regio. Het akkoord voorziet in de afschaffing van douanerechten, opheffing van fysieke obstakels voor de handel in goederen en diensten, bescherming van de intellectuele eigendom, liberalisering van de investeringen op wederzijds grondgebied en overheidsopdrachten. Binnen vijf jaar worden vrijwel alle douaneheffingen afgeschaft, behalve die op sommige visserijproducten en bepaalde verwerkte landbouwproducten.

Met het CETA-verdrag, met Canada, wil het nog niet echt lukken…

Ach, dat moet nog maar blijken. Het afsluiten van nieuwe handelsverdragen kan een aantal jaren kosten – iets wat fervente Brexiteers in het Verenigd Koninkrijk zich eigenlijk ter harte moeten nemen. De EU kent met de Canadezen allang een behoorlijk handelsakkoord, maar de twee willen dit nu uitbreiden op zowel het gebied van vrijhandel in goederen en diensten (lees: afschaffing van heffingen), als dat van investeringen en de bescherming daarvan op elkaars grondgebied. De duivel zit altijd in het detail, daar gaat het nu over.

Maar we waren er nog niet, met die emmer vol druppels. In juni dit jaar sloot de EU één van de grootste handelsakkoorden ooit met de Mercosur, het douaneverdrag van Argentinië, Brazilië, Paraguay en Uruguay, waarmee bedrijven aan weerskanten miljarden aan heffingen kunnen besparen. In Zuid-Amerika heeft de Unie de afgelopen jaren ook handelsakkoorden gesloten met onder meer Colombia, Peru en Ecuador, waarbij ook Bolivia zich binnenkort zou kunnen aansluiten.

Verder zijn de afgelopen vooruitstrevende handelsakkoorden gesloten met onder meer Zuid-Korea, Zuid-Afrika, Marokko, Chili, Midden-Amerikaanse landen en Mexico en zijn de onderhandelingen erover gaande met Australië en Nieuw-Zeeland. In alle gevallen gaat het om overeenkomsten die de minimumbepalingen van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) ver te boven gaan.

Dus van de stoere taal die de grote handelsblokken tegen elkaar uitslaan, moeten we ons niet veel aantrekken?

Die overheerst het nieuws, met dank aan de social media. De werkelijkheid voor de wereldhandel ziet er aanzienlijk rooskleuriger uit. Geen land wil, om het zo te zeggen, letterlijk de boot missen.

Behalve kennelijk het Verenigd Koninkrijk.

Dat valt ook wel mee. Zelfs overtuigde Brexiteers zien inmiddels wel in dat je aansluiting moet houden bij een beproefd en geolied functionerend handelsblok, zoals de EU, om een venster op de wereld te behouden.