Nanne Schriek, Evofenedex

‘Verladers merken te weinig dat een logistiek dienstverlener hen helpt om zijn ladingstromen efficiënter te maken. Terwijl een verlader daar wel op zit te wachten. Ook weten we dat samenwerkingstrajecten vaak misliepen door het ontbreken van een ‘klik’ tussen personen of gebrek aan vertrouwen. Daarom zijn we met Tilburg University het platform Compose gestart’, vertelt Nanne Schriek van Evofenedex.

Tinder voor verladers

Hij is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van het platform dat is bedoeld als een soort ‘Tinder voor verladers’. Partijen die een complementaire logistiek zouden kunnen hebben en waarvan de kans groot is dat zij cultureel en persoonlijk aansluiten, worden via het platform aan elkaar gekoppeld.

De ondernemersvereniging is in 2017 met Compose gestart. Schriek: ‘Het initiatief kwam van een paar leden. Zij vonden dat er nog veel te winnen valt als je binnen supply chains gaat samenwerken met elkaar. We zien dat veel logistiek dienstverleners vooral naar hun eigen klantendatabase kijken en daarbinnen optimaliseren. Ze kijken vaak heel moeilijk over de partijen heen. Ook verladers doen dat nog weinig. Dus wordt er alleen efficiënt gewerkt binnen de bestaande ketens. Maar waarschijnlijk valt nog veel winst te halen door te kijken naar bedrijven in de buurt of bedrijven met complementaire transportstromen.’

Matching aan twee kanten

Het platform doet de matching aan twee kanten. Er wordt via een vragenlijst gekeken naar de persoons- en bedrijfscultuur die op basis van kennis uit de Sociale Psychologie en bijbehorende faculteit in Tilburg is samengesteld.

Hoe volwassen is een supply chain? ‘Dat is belangrijk, want als de een verregaand gedigitaliseerd is en de andere niet, wordt samenwerken een lastig verhaal. Soms willen bedrijven bijvoorbeeld een pilot draaien en hebben een bedrijfscultuur van ‘doeners’. Die gaan het gewoon proberen en als het succesvol is, schalen ze op.’

‘Maar je ziet ook bedrijven, zeker bij de grote corporates, die willen alles eerst juridisch afdekken voordat ze een eerste stap zetten. Een drempel kan zijn dat alles eerst volledig zwart op wit moet staan, voordat ze daadwerkelijk lading meegeven of een andere partij magazijnruimte aanbieden. En dat alle risico’s in beeld en afgedekt zijn. Dat moeten we dus ook meenemen. Dat is de ‘softe matching’.’

ls de één verregaand gedigitaliseerd en de ander niet, wordt samenwerken een lastig verhaal.

En aan de andere kant hebben we de ‘harde netwerk-matching’. Daarbij kijken we naar de richting en het soort lading. En dan gaat het niet om incidentele ritten. Maar het gaat echt om strategische en structurele samenwerkingen’, legt Schriek uit.

Aantal sterren

‘Zodra er een match is, zie je de sector waarin iemand actief is en hoe kwalitatief de match is via een aantal sterren. Vervolgens kun je contact opnemen met elkaar. Dan gaan er e-mails naar de betreffende partijen en kunnen ze het samen verder oppakken.’

Compose kijkt hierbij verder dan alleen transport, maar vooral naar strategische samenwerking tussen verladers. ‘Denk bijvoorbeeld aan warehousing, of uitdagingen op het gebied van personeel. Waarom zou je niet gaan samenwerken met bedrijven die een soort tegengestelde cyclus hebben. Bijvoorbeeld een bedrijf dat in de winter heel druk is, kan personeel uitwisselen met een bedrijf dat in de zomer zijn drukste periode heeft’, legt Schriek uit.

Assets beter benutten

‘In essentie gaat het erom dat we bestaande assets met elkaar beter benutten, zodat je je organisatie minder hoeft in te richten op pieken en dalen. Met Compose kunnen verladers met elkaar in contact komen om samen te werken. Je moet immers wel eerst weten of het complementair aan elkaar is, anders heeft het weinig zin. Dat brengt Compose in beeld.’

Daarbij gaat het uitsluitend om partijen die niet met elkaar concurreren. ‘Het gaat toch om vertrouwen. Dus een bierbrouwer zal niet gekoppeld worden aan een andere bierbrouwer, maar bijvoorbeeld aan een zuivelproducent. Dat maakt het makkelijker. Als er gevoeligheden liggen, kom je soms ook met mededingingswetgeving in aanraking. Dat wil je zoveel mogelijk voorkomen.’

Platform

Het platform richt zich vooralsnog alleen op het samenbrengen van partijen. Het gaat nog niet zozeer om een platform in de traditionele zin van het woord dat er direct tien potentiële partijen naar voren komen als je je aanmeldt op het platform. ‘Zo ver zijn we helaas nog niet’, vertelt Schriek. ‘Er zijn nu een kleine dertig verladers aangesloten.’

Hoewel het op papier mooi kan aansluiten, is de praktijk toch vaak weerbarstiger. Net zoals dat carpoolen nooit de oplossing is geworden van het fileprobleem. Bedrijven moeten toch schuiven met hun ideale laad- en lostijden, er zijn extra overslagpunten nodig, noem maar op.

‘We hebben gemerkt dat aansprakelijkheid een onderwerp is waar partijen niet altijd makkelijk uitkomen. Wanneer is iemand wel aansprakelijk en wanneer niet? Zeker als je lading bij elkaar gaat stoppen. Daar is nog wel wat werk te verrichten. Niet alleen op de weg, maar bijvoorbeeld ook als je elkaars magazijn gaat gebruiken. We zijn nu nog druk bezig om dergelijke bottlenecks in kaart te brengen en daar oplossingen voor te bedenken.’

We hebben gemerkt dat aansprakelijkheid een onderwerp is waar partijen niet altijd makkelijk uitkomen.

Verder blijkt uit het project dat zelfs wanneer er twee partijen bij elkaar zijn gebracht met een complementaire ladingstroom, het nog steeds een enorme uitdaging is om dat ook daadwerkelijk te operationaliseren.

‘Daarvoor zetten we onder meer logistieke afstudeerders van de Universiteit van Tilburg in. Zij analyseren de supply chain en zoeken naar potentiële samenwerkingspartners. Het aardige is dat ook regelmatig blijkt dat er intern in een bedrijf nog stappen gezet kunnen worden. Bijvoorbeeld dat diverse business units complementaire ladingstromen hebben die nu nog niet gebundeld worden. Ze werken dan allebei met een eigen budget en vervoerder.’

‘Dus wanneer je dergelijke samenwerkingen met andere partners gaat onderzoeken, leer je vaak ook nog veel over je eigen bestaande netwerk. We hebben in die trajecten al ruim dertig studenten ingezet bij bedrijven. Zij onderzoeken waarom bedrijven wel of niet gaan of willen samenwerken. Voor deze hick-ups zoeken we oplossingen waarmee we andere verladers weer kunnen helpen op het weerbarstige pad van strategische samenwerking.’

Financiering

Het project wordt gefinancierd vanuit de Topsector Logistiek en specifiek vanuit NWO. ‘We hebben nu het platform gebouwd met de achterliggende algoritmes om de stromen en bedrijfsculturen te matchen. Via het systeem kun je op een kaart zien waar er kansen liggen, mocht er een match bestaan. Die kaart delen we dan verderop in het traject, want het zijn trajecten van de lange adem.’

‘Een match is alleen de eerste stap. Daarna begint het pas. Onze rol als Evofenedex is vooral die van procesbegeleider. Onze neutraliteit is daarin belangrijk. We hebben de kennis en knowhow en willen vooral onze leden helpen. Een supply chain consultant zou bijvoorbeeld nog een belang kunnen hebben om er een zo lang mogelijk traject van te maken.

De eerste matches zijn inmiddels gedaan, vertelt Schriek. ‘We hebben succesvol een partij met een afvalstroom en een partij die actief is in bouwmaterialen bij elkaar gebracht. Ze gingen allebei precies een andere kant op met hun lading. Nu kunnen ze round trips maken met elkaar. Ze voegen de lading samen en schakelen een logistiek dienstverlener in, die het vervolgens transporteert met een hogere beladingsgraad.’