In het document wordt een visie gegeven op hoe de logistieke sector eruit moet zien in 2040. Daarbij staan, niet verrassend, onder meer duurzaamheid, veiligheid, digitalisering en bereikbaarheid centraal. Het is opgesteld door met name belangenverenigingen, uit onder meer de vervoersbranche, de havensector en de bouw. Zij hebben zich verenigd in de Logistieke Alliantie (zie kader onderaan dit artikel voor een overzicht van alle betrokken partijen).

De visie bestaat vooral uit een schets van hoe transport en logistiek over twintig jaar moet zijn ingericht. Welke concrete maatregelen moeten worden genomen, hoeveel geld het kost en wie het moet gaan betalen, wordt grotendeels achterwege gelaten. Door het grote aantal deelnemende organisaties is het wel een breed gedragen visie.

Meningen lopen uiteen

Belangrijk onderdeel van het geschetste toekomstbeeld is de rol die personeel over twintig jaar vervult in de logistieke sector. Dat de verwachting is dat deze rol gaat veranderen, zal velen inmiddels bekend zijn. Maar welke kant het op gaat, daarover lopen de meningen uiteen.

Volgens de visie van de Logistieke Alliantie zouden bedrijven in 2040 flexibele netwerken moeten hebben opgezet om onderling medewerkers te kunnen uitwisselen. Daardoor hebben personeelsleden ‘meer perspectief op ontwikkeling en groei en blijven ze voor de sector behouden’, valt te lezen in het document. Tevens brengt het flexibiliteit en rendement met zich mee voor werkgevers, waardoor zowel management als personeel profiteert van de flexibele structuur.

De verandering van werk en werkomgeving moet ervoor zorgen dat de logistiek een branche blijft waarin het aantrekkelijker is om te werken, zowel voor lager geschoold personeel als voor hbo’ers. Ook ergonomisch verantwoorde werkplekken, mogelijkheden voor persoonlijke ontwikkeling en een reële beloning moeten hieraan bijdragen.

Daarom hopen de betrokken organisaties dat genoeg medewerkers beschikbaar blijven voor de logistieke sector. Momenteel kampt de branche namelijk met een groot personeelstekort. Niet alleen zijn er te weinig vrachtwagenchauffeurs, ook andere functietypen in de logistiek kennen krapte. Deze schaarste wordt in vrijwel het hele land gevoeld.

Techniek neemt het over

De toekomstige rol van werknemers kan niet los worden gezien van de automatisering die steeds meer terrein wint in de logistiek. Robots, cobots, drones, autonome voertuigen en andere nieuwe technologische toepassingen duiken in meer en meer warehouses op. Die trend lijkt dan ook niet meer te stoppen, wat meteen de vraag oproept welke gevolgen dit heeft voor het aantal arbeidsplaatsen.

Daarover doet de alliantie geen uitspraak. Wel schrijven de betrokken organisaties dat de standaard goederenstromen over twintig jaar niet of nauwelijks nog door mensen worden afgehandeld. De techniek gaat dat grotendeels overnemen. Daardoor zal ‘de interactie tussen medewerkers en goederen aanzienlijk veranderen. Tegelijkertijd moeten we ervoor waken dat het uitvoerende werk dat niet geheel verdwijnt, boeiend en aantrekkelijk blijft.’

Door de (technologische) veranderingen krijgen medewerkers een nieuwe rol. ‘Daarin is het omgaan met IT belangrijk, evenals het managen van complexe en nieuwe situaties. Naast technische vakkennis zijn in 2040 generieke kwaliteiten zoals flexibiliteit, probleemoplossend vermogen, zelfstandigheid, klantgerichtheid, digitale vaardigheden, accuratesse en een 24/7-mentaliteit de belangrijkste criteria voor het beoordelen van medewerkers’, is de verwachting. Onderwijsinstellingen zouden hun opleidingen nu al moeten inrichten op deze veranderingen, zodat afgestudeerden beter bekend raken met deze competenties en beter voorbereid aan hun loopbaan kunnen beginnen.

Infrastructuur

Ook qua infrastructuur heeft de alliantie een visie ontwikkeld, al lijkt het vooral een uitgebreid wensenlijstje. Want ga er maar aan staan: De knelpunten op de belangrijkste transportroutes (weg, spoor en water) zijn aangepakt. Bruggen zijn waar nodig verhoogd. Flessenhalzen in het hoofdwegennet bestaan niet meer. Aanleg, onderhoud en beheer van infrastructuur zijn volledig op orde en onder controle. Investeringen worden vooral gericht op de assen die de belangrijkste economische centra, zoals havens, steden en terminals, met elkaar en met het buitenland verbinden. Onderhoud en renovatie gebeuren innovatief en zijn optimaal op elkaar afgestemd, zodat vertragingen voor weg-, water- en spoorvervoer minimaal zijn. Tja, wie wil dat nou niet? Misschien de ambtenaren die het allemaal voor elkaar moeten krijgen?

Op dit onderdeel geven de achttien partijen wel een visie over hoe het gefinancierd moeten worden. ‘Voor het zekerstellen van de hoge kwaliteit van onze infrastructuur kent ons land in 2040 een nieuwe financierings- en bekostigingsstructuur. Naast de publieke financiering is het dan inmiddels gebruikelijk dat ook private partijen investeren. Een mobiliteitsfonds zorgt dat publieke middelen voor infrastructuur niet alleen worden besteed aan aanleg, onderhoud en beheer, maar ook aan een betere benutting.’

Rekeningrijden

Een ander deel van het geld moet komen van de weggebruiker zelf. En daarbij kijken de belangenverenigingen vooral naar een vorm van betalen naar gebruik, in plaats van betalen naar bezit. Rekeningrijden dus. Die wens komt overeen met de visie van de Mobiliteitsalliantie, waarin deels dezelfde partijen vertegenwoordigd zijn. Zij droegen het kabinet vorige maand ook al op om rekeningrijden voor personenauto’s in te voeren. Hoewel de politiek lange tijd in meerderheid tegen deze plannen was, kwam de deur onlangs toch een stukje open te staan. In het eind juni gepresenteerde Klimaatakkoord is opgenomen dat rekeningrijden voor personenauto’s in 2026 moet worden ingevoerd.

De Logistieke Alliantie gaat nog een stap verder dan alleen het wegverkeer. Zij zouden graag zien dat alle modaliteiten betalen naar gebruik, dus ook de binnenvaart, luchtvracht en spoorgoederenvervoer. Waar nodig, moet compensatie plaatsvinden als het rekeningrijden, -vliegen of -varen te veel op de kostprijs drukt. Belangrijk hierbij is dat voor het Nederlandse bedrijfsleven sprake is van een internationaal gelijk speelveld.

De minister heeft het rapport al onder ogen gehad en reageerde enthousiast. ‘Het is goed dat het bedrijfsleven de handen ineen slaat om het nationaal en internationaal opslaan en vervoeren van goederen de komende jaren veiliger, schoner en efficiënter te maken’, aldus de bewindsvrouw. De Logistieke Alliantie heeft volgens Van Nieuwenhuizen genoeg ‘serieuze slagkracht’ om de toekomstvisie mogelijk te maken. Wat de bewindsvrouw daadwerkelijk met het document gaat doen, is nog niet bekend. Wel is duidelijk geworden dat ze 40 miljoen euro uittrekt voor de modal shift: de wens om vervoer via binnenvaart, spoor en buizen te vergroten, ten koste van wegtransport.

De deelnemers in de Logistieke Alliantie zijn:

  • BLN-Schuttevaer
  • ACN
  • Bouwend Nederland
  • CBRB
  • Deltalinqs
  • Evofenedex
  • Havenbedrijf Amsterdam
  • KNV
  • Havenbedrijf Rotterdam
  • KVNR
  • MKB Nederland
  • NVB
  • Oram
  • ProRail
  • TLN
  • VNO-NCW
  • Vereniging van Waterbouwers
  • VRC