Met de juiste data ziet een vervoerder met welke activiteiten hij de meeste winst maakt. En misschien nog wel belangrijker: op welke transportopdrachten hij eigenlijk verlies lijdt. Ook kan er veel efficiënter gewerkt worden. Toch is nog niet iedere transportondernemer zover dat hij de beschikbare cijfers goed analyseert.

Data-economie

Om de sector te helpen mee te komen in deze ‘vierde industriële revolutie van de data-economie’, hebben TLN, ING, en TVM het rapport ‘Een beter rendement uit een datagedreven IT- strategie’ uitgebracht.

‘In transport en logistiek komen digitalisering en data heel dicht bij elkaar. Traditioneel staat het rendement in de sector altijd al in meer of mindere mate onder druk’, licht sectorbankier Machiel Bode van ING toe. ‘IT is randvoorwaarde, je license to operate. Maar wat je ziet is dat de verladers het meeste rendement hebben gehad doordat de logistieke kosten onder controle blijven.’

Bedreigingen

Toch brengen IT en data behalve kansen ook bedreigingen met zich mee voor de gevestigde orde, merkt het rapport op. De digitale revolutie leidde tot ongekende transparantie en optimalisatie van bedrijfsprocessen, maar biedt ook externe partijen een gemakkelijke ingang in het logistieke speelveld. Door de opkomst van software-as-a-service, zijn de investeringskosten relatief laag voor goede WMS, TMS en Business Intelligence software.

Wanneer nieuwe spelers (zoals Amazon, Coolblue, Picnic, die zowel verlader als logistiek dienstverlener zijn) zich met een innovatief en tech-gedreven business model op de markt voor transport en logistiek melden, gaat dit al snel ten koste van het marktaandeel van gevestigde spelers. De digitale data-revolutie kent dus winnaars, maar ook verliezers. ‘Daarom zullen transporteurs hun data niet alleen moeten gaan gebruiken om de kosten onder controle te houden, maar vooral ook om te kijken waar ze de meeste toegevoegde waarde bieden. En daarop durven inzetten via een nieuw bedrijfsmodel’, adviseert het rapport.

Prijsonderhandelingen

Het zijn op dit moment vooral de klanten en verladers die profiteren van optimalisatie, omdat de prijzen voor transport- en logistieke diensten door digitalisering minder hard stijgen. Wel is het mogelijk dat transporteurs via een goede data-analyse beter hun kosten kunnen aantonen. Daardoor staan zij sterker bij prijsonderhandelingen, stellen de onderzoekers.

Een belangrijk kenmerk van disruptors is echter dat ze de behoeften vanuit de markt altijd goed in beeld hebben. En daar snel op in kunnen spelen. ‘Het is essentieel om IT-systemen niet meer op deelproces-niveau te bezien, maar om ze integraal in de bedrijfsvoering in te passen’, concludeert het rapport. ‘Maar belangrijker nog dan de systemen is de data die de bedrijfsactiviteiten genereren. Het omzetten van ‘ruwe’, onbewerkte data naar een structurele bedrijfsvisie of concreet investeringsplan is iets dat voor veel transportondernemers echter nog als toekomstmuziek zal klinken.’

Rendement verbeteren

Initieel kan namelijk het rendement worden verbeterd door procesoptimalisatie. Maar zodra dat op orde is, is het erg lastig hier nog besparingen te realiseren. Dat is het moment om het businessmodel onder handen te nemen. En op basis van data nieuwe kansen te benutten. Daarna liggen er volgens het rapport nog enorm veel kansen voor sectorbrede optimalisatie en waardecreatie in bedrijfsoverstijgend werken via platforms. Daarmee wordt voorkomen dat er een ‘externe Uber van de transportsector’ ontstaat, die de huidige spelers buitenspel zet.

Om het onderscheidend vermogen te verhogen is specialisatie op de logistieke markt een goed middel, aldus het rapport. Dat kan op drie manieren: op een deelmarkt, op een regio en op een niche of marktsegment. Voorbeelden van nichemarkten zijn binnenstedelijke distributie, het werken voor verladers met een bepaalde volumegrootte of de inzet van een speciaal type voertuig. ‘Specialisatie op bedrijfsniveau is ook zeer belangrijk op sectorniveau: als er minder bedrijven in dezelfde vijver vissen, dan zal de markt voor transport minder verzadigd raken. Verladers kunnen dan minder druk leggen op de tarieven voor transport. Daarom is een duidelijke waardepropositie cruciaal: hiermee is aan de klant uit te leggen waar het bedrijf uitblinkt ten opzichte van de concurrentie’, adviseren de onderzoekers.

Specialisme koel/vriestransport

Ze onderbouwen dit advies met een vergelijking van de rendementsontwikkeling van de sector als geheel (tussen -2,5 en 0,5%) met die van een specialistische deelmarkt als koel/vriestransport (3 tot 4,5%). Deelmarkten waar minder specialisme is vereist, zoals containervervoer, vertonen een aanzienlijk slechtere rendementsontwikkeling (tussen -2% en -9%). Op deze deelmarkten is commodityvorming een veel groter probleem, waardoor bedrijven eerder de tarieven laten zakken.

‘Structurele data-analyse geeft een onderneming goed inzicht in welke marktsegmenten zich de meest waardevolle klanten bevinden of waar de beste marges te behalen zijn’, licht het rapport toe. ‘Hierop valt te sturen bij specialisatie. Het is overigens even waardevol om na te gaan welke van de (huidige) bedrijfsactiviteiten juist níét toekomstbestendig zijn in verband met de verandering van het logistieke speelveld. Het is dan aan de ondernemer om de lastige keuze te maken: laat ik marktsegmenten waarop dit bedrijf traditioneel opereert, los als ik geen groeimogelijkheden meer zie?’

Digitale technologieën

Drie recente digitale technologieën op het gebied van procesoptimalisatie zijn volgens de onderzoekers belangrijk om in de gaten te houden: blockchain, AI en machine learning en physical internet (PI). ‘Deze technologieën zijn nu als het ware nog puzzels: ze hebben enorm veel potentie. Maar het is nog onduidelijk hoe ze toepasbaar zijn in de praktijk. Als er een partij is die ze weet toe te passen, zou dit disruptieve gevolgen kunnen hebben voor transport, logistiek en supply chain management.’

De eerste twee (blockchain en AI) zullen bij de meeste transporteurs wel bekend zijn. Een voorbeeld van physical internet (PI) is dat goederen enkel verzonden worden in standaardcontainers van verschillende groottes. Algoritmes worden ingezet om deze containers te groeperen tot zendingen en te selecteren welke op welke manier worden verstuurd – ook intermodaal. Het PI zal gebruikmaken van aangesloten hubs, waartussen de zendingen zullen bewegen voordat een andere partij de last mile afhandelt voor kleine shipments.

Grote en kleine bedrijven

Om al die ontwikkelingen te gebruiken, is kennis van data en IT nodig. Maar die is doorgaans meer aanwezig bij de grotere partijen op de markt (>50 voertuigen). Zij hebben de capaciteit om personeel aan te nemen dat zich volledig kan wijden aan data-management. Bij kleinere bedrijven (2-10 voertuigen) bestaat vaak de notie dat zij niet mee kunnen of hoeven doen in IT-ontwikkelingen, of dat hun data niet relevant is.

Maar het is juist dit marktsegment dat achterblijft in de ontwikkeling van de rentabiliteit, blijkt uit het rapport. Voor kleine bedrijven was deze in 2017 namelijk -2,2%, waar de ontwikkeling voor grote bedrijven +4,8% bedroeg. Het zijn dus in het bijzonder de kleinere transporteurs en logistiek dienstverleners die baat hebben bij een rendementsverhoging en een verhoging van het onderscheidend vermogen. Maar individueel hebben zij niet de capaciteit noch het kapitaal om dit voor elkaar te krijgen. Het rapport adviseert kleine bedrijven op zoek te gaan naar samenwerkingsverbanden op data en IT-gebied.

Vertrouwen

‘Het grootste probleem is dat we in de sector elkaar niet vertrouwen’, zegt Jan Boeve, directeur TLN, tijdens de presentatie van het rapport. ‘We zijn soms zo collegiaal als cobra’s. Daardoor is data delen moeilijk. We zijn allemaal bang dat een ander er met onze klanten vandoor gaat. Maar als wij niet met elkaar durven te delen, dan komt er een partij van buiten de sector. Dan verliezen we het.’