Hiermee wil het instituut de logistieke kosten in de bouw verlagen en betrouwbaarheid om goederen en materialen op tijd op een bouwwerf te krijgen, verhogen. Nieuwe concepten in de bouw zoals Just in Time (JIT) en de toename van renovatieprojecten zorgen voor meer kleine deelladingen en frequentere leveringen naar verschillende werven. Er is op een bouwwerf doorgaans niet veel ruimte voorzien voor de opslag van materialen. De beladingsgraad van bouwgerelateerd vrachtverkeer is daardoor erg laag.

Logistieke kosten

De logistieke kosten van een bouwproject bedragen gemiddeld 8 tot 15%. Daarbovenop komt nog 8 tot 10% aan kosten door efficiencyverlies. Bovendien zorgen steeds drukkere wegen, lage-emissiezones en truckverboden in stadsdelen ervoor dat bouwplaatsvrachten steeds moeilijker op hun bestemming raken. Om hiervoor oplossingen te vinden, zijn volgens VIL nieuwe logistieke concepten noodzakelijk.

VIL en het onderzoekscentrum voor de bouw WTCB gaan daarom samen met vijftien bedrijven, een mix van logistieke dienstverleners, aannemers en opdrachtgevers, op zoek naar de mogelijkheden van ‘bouwhubs’. Een bouwhub is een ontkoppel- en verzamelpunt voor goederen van en naar verschillende bouwplaatsen. Goederen en materialen worden op die manier dichter bij de bouwplaats in een lokaal voorraadpunt verzameld.

Value added logistics

Naast slimme consolidatie kunnen deze hubs ook gebruikt worden voor ‘value added logistics’, zoals premontage en prefabricage van materialen, het aanmaken van bouwplaatspakketten, of het
gesorteerd verzamelen van bouwafval.

Een vermindering van het aantal deelvrachten, lagere voorraden en minder logistieke handelingen op de bouwwerven zijn mogelijke voordelen van een bouwhub. Minder opslag van goederen op de bouwwerf heeft bovendien een gunstig effect op diefstal en schade.

‘Vanuit maatschappelijk oogpunt is een efficiëntere logistiek – minder transporten, hogere beladingsgraad – ook goed voor het milieu en de congestie. Een bouwhub kan stimuleren dat de grote vrachten naar de hub in dalmomenten plaatsvinden. Tevens zorgt het ervoor dat multimodale mogelijkheden zoals binnenvaart ingezet kunnen worden’, licht VIL toe.

Logistiek concept

Samen met de projectdeelnemers en het WTCB analyseert VIL in dit project ‘best practices’ en praktische randvoorwaarden. Daarna werkt het samenwerkingsmodellen en een logistiek concept uit voor bouwhubs. Er zal een kosten-batenanalyse gemaakt worden voor de verschillende actoren. Ook de maatschappelijke impact, zoals CO2-uitstoot en het aantal transporten, wordt onder de loep genomen.

De projectdeelnemers zijn Adimat-Bouwpunt, André Celis, Besix, Cordeel, De Rycke, Gyproc, H.Essers, Haex, Haven Genk, Kerkstoel 2000+, ODTH, Shipit, De Vlaamse Waterweg, Verhelst bouwmaterialen en Willemen Groep. Het project wordt gesteund door VLAIO, het Agentschap Innoveren en Ondernemen van de Vlaamse overheid.