Een woordvoerder van Havenbedrijf Rotterdam kon maandag nog niet zeggen hoe de hulp er precies uit gaat zien omdat de donorlanden daar nog afspraken over moeten maken. Wel zei hij dat vorige week woensdag, de dag na de ramp, contact is gezocht met het departement van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking met het voorstel om expertise op het gebied van havenontwikkeling aan te bieden. Kaag heeft dat vervolgens op de conferentie ingebracht.

Belang haven

De minister benadrukte na afloop het belang van de haven, de grootste van Libanon, voor de vele organisaties die hulp in het land willen krijgen. Ook voedselhulp voor Syrië en de ongeveer twee miljoen Syrische vluchtelingen in Libanon liep tot voor kort via Beiroet.

Nederland heeft tot nu toe een miljoen euro beschikbaar gesteld aan het Libanese Rode Kruis, en drie miljoen euro voor een reeks Nederlandse hulporganisaties. Ze benadrukte dat er op geen enkele manier geld gaat naar de Libanese regering. Die ligt sinds de rampzalige explosie van vorige week dinsdag zwaarder onder vuur dan ooit vanwege wanbestuur en corruptie.

Voor hulp op de langere termijn is het voor Nederland belangrijk dat Libanon werk maakt van politiek-economische hervormingen, zei Kaag. Ook vindt ze dat er een gedegen, onafhankelijk onderzoek naar de oorzaak van de explosie moet komen.

De donorlanden streven ernaar om op 1 september een nieuwe conferentie te houden, in Libanon. Of dat op zo’n korte termijn haalbaar is, moet de komende weken blijken.