Stikstofneerslag, ofwel depositie, wordt gemeten in de natuurkundige eenheid mol (ongeveer zestien gram) per hectare per jaar, dus mol/ha/jr. Rotterdam zegt dat het een ruimte van vijftig van die eenheden nodig heeft om te voorkomen dat investeringen stilvallen. Alleen al voor de ontwikkeling van Maasvlakte 2 is volgens de havenbeheerder een ruimte van bijna 25 mol/ha/jr nodig. Het kabinet zou niet verder willen gaan dan negen mol/ha/jr.

Een en ander blijkt uit een notitie die Havenbedrijf Rotterdam (HbR) en de ondernemersvereniging Deltalinqs deze week gezamenlijk hebben gepubliceerd. De Tweede Kamer praat donderdag over het stikstofbeleid. Het kabinet heeft eind april een pakket voorstellen naar de Tweede Kamer gestuurd dat moet leiden tot een vermindering van de stikstofneerslag van minstens honderd mol/ha/jr in 2030. Daarvoor wordt in totaal vijf miljard euro uitgetrokken, waarvan bijna drie miljard voor natuurontwikkeling.

De Branche Organisatie Zeehavens (BOZ) van Amsterdam, Groningen, Moerdijk, Rotterdam en North Sea Port (Zeeland-Gent) slaat in een brief aan de Tweede Kamer een veel voorzichtigere toon aan en pleit voor ‘voldoende stikstofruimte’ om te kunnen blijven investeren in structuurversterking en verduurzaming. De BOZ spreekt zijn steun uit voor het eindadvies van de commissie-Remkes waarin ‘op een evenwichtige wijze de noodzakelijke aanpak voor de diverse sectoren wordt benoemd’.

Salderen

In het stuk van HbR/Deltalinqs wordt gesteld dat de door het kabinet voorgestelde structurele aanpak met zijn pakket van natuurontwikkeling en stikstof reducerende maatregelen ‘niets oplost’. ‘Het leidt niet tot ruimte voor stikstofdepositie en geeft veel onzekerheid voor de Rotterdamse haven. De noodzakelijke vernieuwings- en transitie-opgave van haven en industrie stagneert. Kansen gaan verloren als we nu niet handelen’, zeggen de twee organisaties.

Rotterdam wil dat de provincie en het Rijk voor de korte termijn het ‘salderen’ van neerslag-rechten van verschillende projecten gaan toestaan. Concreet betekent dit, dat onbenutte ruimte van de ene vergunning naar de andere zou kunnen worden overgeheveld. Dat zou dan niet alleen per bedrijf moeten worden toegestaan, maar ook voor het havencomplex als geheel. Ook pleit de haven voor het vormen van een ‘stikstofkoepel’ waarin onbenutte neerslag-ruimte wordt ‘gestald’. Die kan dan voor een volgend project worden ingezet.