De groei van het aantal reefercontainers kan in de Rotterdamse haven zorgen voor een nieuwe hoogwaardige cargo-stroom en toenemende handling hiervan. Bob Castelein, onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam (EUR), zegt: ‘Het gebruik van reefercontainers groeit jaarlijks met 3 à 4%, terwijl het gewone containervervoer stabiliseert. Momenteel komt in Rotterdam 15% van de totale containeroverslag voor rekening van gekoelde containers.

Deze groei is te danken aan de wereldwijd stijgende vraag naar verse, meer gevarieerde producten en veranderende voorkeuren van de consument. Denk aan de toenemende populariteit van avocado’s bijvoorbeeld. Oost-Europa is een belangrijke groeimarkt.’

Tv’s ook in reefers

‘Ook wordt een steeds grotere variëteit van hoogwaardige producten met reefers vervoerd, denk aan televisies. Die hoeven in principe niet in een geconditioneerde omgeving worden getransporteerd, maar de reefers zijn geïsoleerd en zorgen ervoor dat de apparatuur niet onderhevig is aan grote temperatuursverschillen’, aldus Harry Geerlings, hoogleraar Duurzame Mobiliteit aan de EUR.

Geerlings is projectleider van Eureca, (Effective use of Reefer Containers Through the Port of Rotterdam). In dit project, dat in 2016 is gestart en loopt tot begin 2021, werken naast de EUR ook de TU Delft, de Wageningen Universiteit en een aantal bedrijven uit de Rotterdamse haven. SmartPort stimuleerde medewerking van het Rotterdamse bedrijfsleven en heeft binnen het project een brug-functie tussen de wetenschap en deze ondernemingen.

Roy van den Berg, projectontwikkelaar bij SmartPort licht toe: ‘Reefers vervoeren hoogwaardige lading. Dit is voor de haven in Rotterdam een kans, juist omdat het niet alleen om grote volumes gaat. De haven kan zich onderscheiden door nieuwe diensten aan te bieden die extra waarde kunnen toevoegen.’

Nu al komt 35% van het energieverbruik van de containerterminal voor rekening van de reefers.

De hamvraag van het Eureca-project is wat er moet gebeuren in de Rotterdamse haven om optimaal te kunnen profiteren van het groeiende gebruik van gekoelde containers. ‘Reefers veranderen het systeem van containertransport zelf niet wezenlijk, maar wel alles wat er omheen gebeurt. De lading heeft immers meer aandacht nodig’, zegt Castelein, promovendus op het project. Samen met de verschillende partijen in de keten is gekeken naar waar de bottlenecks voor groei zitten.

Er zullen aanpassingen nodig zijn in de haven, anders loopt de overslag van reefers tegen grenzen aan. In de eerste plaats is dat vanwege de hoge energievraag van deze containers. De reefers worden aan land in een stack geplaatst, waar ze stroom krijgen om te kunnen blijven koelen. Nu al is 35% van het energieverbruik van de containerterminal voor rekening van de reefers. Omdat schepen steeds groter worden en meer containers vervoeren, groeit ook het aantal reefers per schip, soms tot wel tweeduizend.

‘Daar zal in de toekomstige energievoorziening in de haven rekening mee gehouden moeten worden’, aldus Castelein. ‘Een goede reefer warmt maximaal 1°C binnen 24 uur op, als hij niet aangesloten is op een stroombron. Daar zou je op een slimme manier mee kunnen omgaan om de energievraag aan wal te spreiden’, voegt Geerlings toe.

Tekst loopt door onder foto.

Maersk containers

Smart reefers

Het Havenbedrijf Rotterdam investeert ook nadrukkelijk in de digitalisering van de haven. ‘Reefers worden steeds meer uitgerust met sensoren en verbonden met het netwerk van de rederij. Maersk bijvoorbeeld heeft zo’n driehonderdduizend reefercontainers, die allemaal smart zijn. Er zijn sensoren aangebracht om het interne klimaat realtime te kunnen monitoren. Hiermee ontstaat een beter inzicht over de toestand van de lading gedurende de reis. Mocht er een probleem zijn, dan kan er sneller ingegrepen worden. Het zorgt ook voor meer transparantie voor de verlader. Waar is de container op het moment van een probleem? En heeft de reder adequaat gehandeld?’

De koelcontainersector is koploper voor wat betreft innovaties in het containertransport. ‘Zie het als de Formule 1 van de sector’, zegt Castelein. ‘De vernieuwingen zijn ook toepasbaar in gewone containers en de trend is dat ook deze in de toekomst steeds slimmer worden.’ De slimme reefers kunnen de basis zijn voor een nieuw businessmodel voor de rederijen en containerterminals. Geerlings vergelijkt deze servicedifferentiatie als business class vervoer ten opzichte van de toeristenklasse in een vliegtuig. ‘Als kostbare lading vervoerd moet worden, kan een extra service worden gekozen, waarvoor meer betaald moet worden.’

Zie het als de Formule 1 van de sector.

Door de extra data die beschikbaar komt, kan ook de onderhoudsbehoefte van een koelsysteem beter worden voorspeld. Hierdoor wordt betrouwbaarheid verhoogd en verspilling teruggedrongen. Verder kan het energieverbruik worden gemonitord, wat kan leiden tot een optimalisatie van de energie-efficiency.

Toch worden slimme containers gek genoeg nog ‘lauw’ ontvangen door de markt. ‘Natuurlijk is het mooi om realtime inzicht te hebben in de cargo. En in de toekomst zal het mogelijk zijn om bijvoorbeeld bananen al op zee te laten rijpen, waardoor deze sneller op de markt kunnen komen. Maar de eigenaar wil ook gewoon zo snel mogelijk de container kunnen meenemen als deze in de haven aankomt’, zegt Castelein. Dat is dan ook een belangrijk aandachtspunt binnen het project.

Reefers vervoeren een lading die de eigenaar zo snel mogelijk wil ophalen. Het gaat om verse goederen, denk aan bananen of avocado’s, maar ook om medicijnen of levende kreeften. Om deze groeiende stroom snel te kunnen overslaan, is in de haven van Rotterdam een speciaal cluster voor koellogistiek ingericht. In Cool Port, in het gebied Eemhaven/Waalhaven, zijn verschillende activiteiten voor reefertransport dicht bij elkaar geplaatst: depots, onderhouds- en reparatiefaciliteiten, koelhuizen voor opslag en intermodale verbindingen over weg, spoor, en water. Ook de Kop van de Beer, nabij de Maasvlakte, wordt speciaal ingericht om de overslag van verse lading te faciliteren.

Vervolgvervoer

Om het reefertransport te optimaliseren wordt in het Eureca-project niet alleen gekeken naar de havenclusters en de afhandeling op terminals, maar de gehele keten vanaf herkomst tot eindbestemming in het achterland wordt tegen het licht gehouden. Doordat de containers continu gevolgd kunnen worden, kunnen daar ook planningen voor vervolgvervoer op worden afgestemd. Het Havenbedrijf werkt aan oplossingen om verschillende vormen van data te combineren, om zo klanten waardevolle inzichten te geven in hun vrachtstromen. In Eureca is specifiek aandacht voor het transport van de reefers naar de eindbestemming.

‘Op dit moment is het vervoer per truck nog de standaard, maar we moeten meer werk maken van intermodaal vervoer voor reefers, ook met het oog op duurzaamheid. Er is wel een groeiende interesse voor de binnenvaart, maar vervoer via het spoor wordt niet breed overwogen. Die modaliteit heeft het imago traag en onbetrouwbaar te zijn. Sinds mei-juni van dit jaar loopt echter wel het project CoolRail. In dit initiatief rijden drie treinen per week, specifiek voor het transport van koelcontainers tussen Rotterdam en Spanje. Er is zeker potentie om de frequentie te verhogen’, licht Van den Berg toe.