De dertig ton aan cocaïne die de zogeheten Port Control Units van de VN dit jaar confisqueerde, is goed voor een tiende van de totale hoeveelheid coke die sinds 2004 in de bronlanden werd tegengehouden. Ter vergelijking: volgens onderzoekers van de Erasmus Universiteit komt er jaarlijks zo’n 160 ton cocaïne aan in Europa, een kwart komt binnen via de Rotterdamse haven. Bob Van den Berghe, technisch directeur van het CCP, spreekt tegenover de NOS van ‘best een goede vangst’.

‘Er zijn jaarlijks 450 miljoen containerbewegingen. Minder dan 2% van deze vrachtcontainers worden gecontroleerd. Heel weinig dus’, stelt Van den Berghe. Het doel van het programma is om risico-containers te identificeren en in de bronlanden tegen te houden. Het CCP zorgt ook voor trainingen voor lokale autoriteiten, zodat die dubieuze containers beter leren herkennen.

Grote vangsten

De afgelopen jaren werden bij VN-controles voornamelijk in Zuid-Amerika grote partijen cocaïne in beslag genomen. Zo werd er deze maand nog 523 kilo coke met bestemming Europa in het Braziliaanse Santos gevonden. Eerder dit jaar waren er grote vangsten Callao (Peru, 2,2 ton), Santa Marta (Colombia, 2,2 ton) en het Surinaamse Paramaribo (2,3 ton).

Op dit moment is CCP operationeel in 51 landen. Sinds de start van het programma in 2004 zijn meer dan negentig havencontrole-eenheden (PCU’s) en luchtvrachtcontrole-eenheden (ACCU’s) opgericht.