Bent u geschrokken van de uitkomsten van het onderzoek?

Dat is wel een heel zwaar woord. Maar ze zijn zeker opvallend omdat de omstandigheden voor buitenlandse bedrijven om zich hier te vestigen optimaal zijn. Dat blijkt uit allerlei onderzoeken. Dan mag je een beter cijfer verwachten dan ongeveer dertig nieuwe bedrijven per jaar, nog geen kwart van het aantal dat Amsterdam binnenhaalt.

Wat is de kern van het probleem?

De organisatorische setting is gewoon niet goed. Rotterdam Partners, dat verantwoordelijk is voor het gemeentelijke acquisitiebeleid, overlapt en concurreert met de regionale ontwikkelingsorganisatie Innovation Quarter. Bovendien richt Rotterdam zich niet op bepaalde doelen. In plaats daarvan wordt met hagel geschoten in de hoop iets te raken. Het ontbreken van achterliggend beleid is ook een belangrijk onderdeel van het probleem.

In het rapport ‘Een wereld te winnen’ wordt geconstateerd dat er veel te weinig budget is voor serieuze acquisitie.

Rotterdam Partners heeft daarvoor 7,5 ton per jaar beschikbaar. Dat is inderdaad veel te weinig en dat zou robuuster moeten. Daar komt bij dat de gemeente zich teveel met de uitvoering van het beleid bemoeit. De Coolsingel kijkt de mensen in het veld te veel op de vingers, zou je kunnen zeggen.

Hoeveel geld moet er volgens u bij?

Dat is afhankelijk van de gekozen strategie. Die moet eerst worden uitgewerkt, dan kan je een budget bepalen. Vervolgens zullen het college van B&W en de gemeenteraad een besluit moeten nemen.

Moeten Rotterdam Partners en Innovation Quarter niet gewoon worden samengevoegd?

Dat is helemaal niet nodig. Innovation Quarter doet ook nog allerlei andere dingen, zoals het vergroten van de bestaande werkgelegenheid. Die twee organisaties moeten gewoon goede afspraken maken, zodat ze elkaar niet in de weg lopen. Dat is helemaal niet ingewikkeld.

Havenbedrijf Rotterdam houdt zich ook met werving van buitenlandse bedrijven bezig, maar opereert relatief autonoom, stelt u. Wat bedoelt u daarmee?

Technisch is het Havenbedrijf een verbonden partij, waarvan de gemeente voor 70% aandeelhouder is. Maar het is ook een structuur-NV, die op redelijke afstand van de gemeente staat en daardoor redelijk autonoom kan opereren. Ze hebben een beetje hun eigen agenda. Die zouden ze nog wel wat meer op die van Rotterdam Partners en Innovation Quarter kunnen afstemmen.

Hoe goed doet het Havenbedrijf het in uw ogen?

We beschikken wel over die cijfers, maar die zijn vertrouwelijk. Daarom staan ze niet in het rapport en kan ik er geen specifieke uitspraken over doen. In het algemeen kan ik wel zeggen dat het Havenbedrijf een belangrijke rol speelt bij het binnenhalen van buitenlandse bedrijven en dat het voor het merendeel om redelijk grote bedrijven gaat.

In het onderzoek wordt Rotterdam wel vergeleken met Amsterdam, maar niet met Antwerpen, de tweede zeehaven van Europa. Had dat niet voor de hand gelegen?

Had gekund, maar dan was het wel een veel groter onderzoek geworden. Ook waren we dan afhankelijk geweest van de bereidheid van Antwerpen om gegevens vrij te geven, terwijl die van Amsterdam gewoon openbaar beschikbaar zijn. Die laten al zo’n groot verschil zien dat het eigenlijk niet nodig was om daar nog een vergelijking met Antwerpen aan toe te voegen.

Het college van B&W belooft in reactie op uw onderzoek ‘een toekomstgericht en transitiebestendig acquisitiebeleid met bijbehorende governance afspraken’. Snapt u wat ze bedoelen?

(Grinnikt). Dat is een hele mondvol mooie woorden, waar de gemiddelde buitenstaander niks van snapt. Ik maak eruit op dat de betrokken partijen moeten gaan samenwerken op basis van een onderliggende strategie.

Hebt u er vertrouwen in dat dat ook echt gaat gebeuren?

Dat moet je altijd maar afwachten. De reactie van het college wijst wel in die richting, maar we gaan zien hoe dat in de praktijk uitwerkt. Vaak zit er een groot gat tussen beleidsvoornemens en de uitvoering ervan.

Vergeet niet dat het niet voor het eerst  is dat geconstateerd wordt dat Rotterdam achterloopt op het punt van bedrijvenwerving. De International Advisory Board onder leiding van voormalig premier Balkenende kwam een paar jaar geleden tot vergelijkbare conclusies. Dat heeft helaas niet tot verandering geleid. We zullen daarom de vinger aan de pols houden. Als we te weinig effect zien, trekken we zeker weer aan de bel.