Chat with us, powered by LiveChat

‘Brexit kan erg pijnlijk uitvallen voor ro/ro-terminals in Zeebrugge’

Achtergrond

Als het tot een harde Brexit komt, zal de export van auto’s vanuit de haven van Zeebrugge met 30% dalen. Kopers gaan ook een stuk meer betalen voor hun wagen, omdat de afhandelingskosten stevig oplopen. Dat zegt Liese Vermeiren van Universiteit Antwerpen.

Vermeiren onderzocht voor haar masterscriptie als handelsingenieur bij transporteconoom Joost Hintjens de effecten van de Brexit in verschillende scenario’s. Ze focuste daarbij op de behandeling van nieuwe auto’s in Zeebrugge, zowel import als export.

‘De handel van en naar het Verenigd Koninkrijk vormt in de haven van Zeebrugge 46% van het totale vrachtvervoer’, stelt Vermeiren. ‘In Antwerpen is dit slechts 6,2%. Van alle Vlaamse havens is Zeebrugge het meest gelinkt met het VK. Voor Zeebrugge is automotive ook enorm belangrijk: op exportvlak is deze sector er goed voor een totaalbedrag van 9,3 miljard euro en een aandeel van 29% van de vracht.’

Britse koopkracht

De Brexit is nog niet van kracht, maar door de dalende wisselkoers van het Britse pond en de onzekerheid op de Britse markt is de export van wagens naar het VK al afgenomen. ‘Door de dalende koers ligt de koopkracht van de Britse huishoudens veel lager, waardoor ze het aankopen van luxegoederen zoals auto’s uitstellen.’

Afgelopen jaar lag de export van nieuwe wagens vanaf de Ico-terminal in Zeebrugge naar het VK al 20% lager dan in 2016. ‘Waar het VK in 2016 nog goed was voor een aandeel van 36,45% van de in heel Zeebrugge behandelde voertuigen, was dit in 2017 al gedaald tot 31,86%. Dit verlies in procentueel marktaandeel werd wel deels veroorzaakt en in feite grotendeels gecompenseerd door een stijging van het autotransport naar andere Europese, vooral Scandinavische, bestemmingen.’

Harde Brexit

Volgens Vermeiren wordt het almaar waarschijnlijker dat het tot een ‘cliff-edge’ scenario komt, de zogeheten harde Brexit. ‘In dat geval zal de koers van het Britse pond naar verwachting zakken tot een 1/1 pariteit met de euro. Auto’s worden dan onder WTO-regels behandeld met een importheffing van 10% voor de auto’s zelf en 4,5% voor onderdelen. Dit zou leiden tot een daling van de export naar het VK met 30% en van de import met 20%.’

De lagere koers van het pond zou de Britse auto-industrie bevoordelen. ‘Maar de vraag is hoeveel fabrieken er nog zullen blijven. BMW kondigde al aan zijn Mini-fabriek in Oxford naar Nederland te verhuizen. Voor Zeebrugge zou een harde Brexit tot een volumedaling van 243.695 stuks leiden, op een totaal van 2,9 miljoen. Daarenboven zou de aangehouden voorraad auto’s, om langere leveringstermijnen op te vangen en invoerrechten te vermijden, toenemen in de periode vóór 29 maart 2019. Al die voertuigen moeten immers gefinancierd en opgeslagen worden. Per voertuig zouden de WTO-regels tot een meerprijs van 2.744,35 euro leiden, inclusief de kosten om de douane-aangiftes uit te voeren.’

Andere factoren

Er kunnen ook andere factoren meespelen. ‘Beslissingen van grote automerken, zoals het organiseren van een rechtstreekse lijn vanuit de VS, India, Japan of Thailand naar het VK, kunnen een grote impact hebben op de exportvolumes vanuit Zeebrugge. Aan de importzijde kunnen zich volumeverminderingen voordoen tijdens de verwachte chaos in april, door mogelijke tekorten aan onderdelen in Britse fabrieken’, meent Vermeiren.

‘Anderzijds kunnen in plaats van de lijnen die nu vanuit Zeebrugge over het VK naar Ierland lopen rechtstreekse lijnen ontstaan’, voegt Hintjens eraan toe. Verder kunnen de extra diensten – zoals aanpassingen van wagens aan de Europese regelgeving – die zijn terminals aanbieden in het voordeel van Zeebrugge werken.

Bij de uit het VK ingevoerde goederen was transportmateriaal – naast auto’s onder meer landbouw- en graafmachines – in 2017 goed voor een aandeel van 21,2%. Onder meer Nissan, BMW en Land Rover hebben grote fabrieken in het Verenigd Koninkrijk. Hintjens acht het waarschijnlijk dat die productiecapaciteit bij een harde Brexit gedeeltelijk verhuist naar het Europese vasteland.

Vrijhandelsakkoord

Als er een vrijhandelsakkoord komt, zoals het Ceta met Canada, kunnen de import- en exportheffingen voor afgewerkte auto’s dalen naar bijvoorbeeld de 5% die met Canada is afgesproken. Vermeiren: ‘De administratieve kosten dalen dan ook met de helft en de vertragingen zullen kleiner zijn, wat tot een kleinere voorraad leidt.’

‘De totale extra kosten per voertuig dalen dan tot 1.362,87 euro en de volumedaling bedraagt in dit scenario slechts 20% op de uitvoer vanuit Zeebrugge naar het VK en 10% op de invoer, een daling van 76.719 eenheden. Maar dit vrijhandelsakkoord kan niet in werking treden op 29 maart 2019’, aldus de kersverse handelsingenieur. ‘Het zou voorafgegaan worden door een jarenlange overgangsperiode. Gedurende die periode kunnen er onderhandelingen plaatsvinden.’

Douane-unie

In het geval van een douane-unie zal het effect volgens Vermeiren minimaal zijn, maar ook die kan pas in werking treden na een lange onderhandelingsperiode. ‘Het havenbestuur van Zeebrugge heeft al het datasharingplatform RX/Sea-Port (zie kader onderaan dit artikel, red.) in het leven geroepen om de administratieve afhandeling voor voornamelijk ferrybedrijven in goede banen te leiden. Samen met de focus op onbegeleide vracht verwacht de haven een competitief voordeel te hebben tegenover andere kanaalhavens, waar de chauffeur die samen met zijn lading de overtocht maakt mogelijk oponthoud kan oplopen.’

‘Andere sectoren kunnen in waarde meer dalen dan het vervoer van auto’s, maar slechts weinig Vlaamse bedrijven boeken bijna 50% van hun omzet op het VK’, zegt Hintjens. Hij wijst ook op het ‘weinig bekende’ aspect van invoer vanuit VK, zeker in tweede lijn. ‘Weinig bedrijven hebben zicht op de bronnen van hun leverancier. Als die niet beleverd wordt, dan zal de inkoper onverwacht last hebben van de Brexit, terwijl hij misschien niet besefte dat zijn supply chain zover reikt. En in bijvoorbeeld de voedingssector is de mogelijke bewaartijd beperkt’, merkt Vermeiren op. ‘Auto’s kun je makkelijker gedurende langere tijd opslaan.’

RX/SeaPort
RX/SeaPort moet ervoor zorgen dat de fysieke goederenstroom niet onderbroken wordt door de administratieve rompslomp, door alle communicatie tussen verschillende partijen te regelen via een link met het Britse Port Community System. Dat zet deze communicatie verder naar de Britse douane en zo naar klanten in het VK.
‘In de huidige situatie is er een overflow aan logins en B2B-connecties. Dat is heel complex en tijdrovend’, zegt Liese Vermeiren. ‘Zo zorgen 9 partijen voor 34 connecties. Hierdoor worden gemakkelijker fouten gemaakt. In dit datasharing platform is slechts één verbinding nodig om data en informatie op een veilige manier uit te wisselen met alle actoren, zoals bedrijven, terminals, scheepsrederijen, havenbesturen en douane. De evolutie naar onbegeleide vracht zal zich hierdoor verder voortzetten, want begeleide vracht zorgt voor extra documenten voor de vrachtwagenchauffeur en extra loonkosten voor het wachten.’

Ico: ‘Wij hebben de knowhow om Brexit aan te kunnen’
Marc Adriansens, gedelegeerd bestuurder van Ico, verwacht dat de impact van de Brexit op zijn terminal relatief beperkt zal blijven, omdat Ico voornamelijk met derde landen werkt en het zijn klanten diensten aanbiedt zoals douane-inklaring en documentatie. Daardoor is het al vertrouwd met de procedures voor derde landen.
‘We hebben de knowhow om ook na de Brexit het volume voor het VK zonder hindernissen af te leveren’, stelt hij. ‘Het hernieuwen van het vijfjarig contract met Mazda voor de behandeling van auto’s voor alle Europese landen – het VK inbegrepen – bevestigt dit.’ Adriansens ziet de kosten wel stijgen door extra documentatie. Die kosten worden doorgerekend aan de eindklant, wat het cargoverlies doet toenemen.

Heeft u te maken met de Brexit? Kom dan ook naar de Sessie Brexit op 27 februari 2019 in Venlo en leer alles over de verschillende scenario’s.

Reageren
500 tekens over