Die zijn sinds eind 2014 afgesloten als gevolg van de Libische opstand en de val van Khadaffi. Daardoor is de Libische olie-export teruggevallen tot minder een kwart van de 1,6 miljoen vaten per dag die het land voorheen exporteerde. Het opvoeren van de olie-uitvoer zou een belangrijke steun in de rug zijn voor de huidige regering, bericht persbureau Reuters.

Volgens een woordvoerder van de presidentiële raad zouden de havens binnen enkele weken weer open kunnen gaan, maar veel waarnemers betwijfelen dat. De installaties zijn zwaar beschadigd, onder meer door recente aanslagen van IS. Bovendien verzet de National Oil Corporation (NOC) zich tegen betaling aan de militie in kwestie, de Petroleum Facilities Guards (PFG) onder leiding van commandant Ibrahim al-Jathran.

Diens woordvoerder heeft tegenover Reuters bevestigd dat er afspraken zijn gemaakt over een vergoeding. Hij stelt dat PFG de olie-installaties al tweeënhalf jaar lang beschermt zonder daarvoor betaald te worden. Via de twee havens kunnen op papier dagelijks 600.000 vaten olie uitgevoerd worden, maar volgens de NOC zullen dat er in verband met de aangerichte schade voorlopig hooguit 100.000 zijn.