Ook ik werk me deze zomer in het zweet, achter mijn bureau bij ABN Amro. Als econoom is een van mijn taken het voorspellen van de groei van de sector. Helaas is dat de laatste tijd moeilijker geworden. Er hangt namelijk een rookgordijn in mijn glazen bol. De rook komt aandrijven van de andere kant van de Atlantische Oceaan, uit de ambtswoning van Donald Trump. In december leek het er nog op dat Trump de handelsoorlog met China snel tot een goed einde zou brengen. Helaas stookt Trump het conflict dit jaar verder op. ABN Amro verwacht wel dat Trump de handelsoorlog tot een goed einde zal brengen om in 2020 te worden herkozen.

Enfin, het blijft koffiedik kijken. De groei van de wereldhandel staat bovendien al langer onder druk. Uit recent onderzoek van adviseur McKinsey blijkt dat toeleveringsketens al jaren minder mondiaal worden en steeds meer regionaal. Tientallen jaren lang groeide de wereldhandel veel sneller dan de wereldeconomie. China stampte duizenden fabrieken uit de grond, die schepen vol goedkope massaproducten naar het westen stuurden. In de loop der jaren werd de zeevaart steeds efficiënter, wat het verschepen van producten steeds aantrekkelijker maakte. Steeds goedkopere internationale telefonie en het internet deden de rest. De wereld werd kleiner. Westerse bedrijven besteedden veel productie uit in lagelonenlanden.

Sinds 2013 is de wereldeconomie aan het veranderen. De wereldhandel groeit niet meer veel harder dan de wereldeconomie. Volgens McKinsey worden toeleveringsketens steeds meer regionaal in plaats van mondiaal, vooral in Azië en in Europa. Als belangrijkste verklaring noemt McKinsey het belang van just-in-time-productie. Als de fabriek dichter bij de afzetmarkt staat, is het veel eenvoudiger snel nieuwe producten op de markt te brengen.

Een bedrijf dat dat al vroeg in de gaten had, is de Spaanse modegigant Inditex, bekend van het kledingmerk Zara. In de tweede helft van de twintigste eeuw verplaatsten de meeste modebedrijven de productie naar lagelonenlanden zoals China. Zo niet Inditex, dat er juist alles aan deed om de levertijd zo kort mogelijk te maken, en daarom vooral koos voor fabrieken in Zuid-Europa, Turkije en Noord-Afrika.

Inditex combineert dit zeker sinds de opkomst van het internet met handig gebruik van data. Verkoopt een product slecht? Dan geeft het bedrijf dat meteen door aan de fabriek, zodat daarvan niets meer wordt geproduceerd. Zo blijft Inditex niet met onverkochte voorraad zitten. Loopt een bepaald product juist wel goed? Dan wordt er bijbesteld, zodat de winkels snel nieuwe voorraad krijgen. Raakt een bepaalde kleur opeens in de mode? Dan maken ze snel ook een kledingstuk in die kleur. In een mum van tijd ligt het in de winkels. Anno 2019 kan Inditex alle vijfduizend winkels in Europa binnen 24 uur beleveren. Dankzij deze strategie van snel inspelen op de smaak van de consument zijn de Spanjaarden uitgegroeid tot het grootste modebedrijf ter wereld, met merken als Zara, Massimo Dutti en Pull & Bear.

Voor de logistieke sector betekent deze trend waarschijnlijk dat de gouden jaren van de zeevaart tussen Azië en Europa al lang voorbij zijn. Als deze trend van regionalisering van productieketens inderdaad doorzet, zal vervoer binnen Europa de komende decennia juist belangrijker worden.

Terug naar Trump. De opkomst van protectionistische politici zoals hij, zou dit proces wel eens kunnen versnellen, zeker als de Amerikaanse president in 2020 wordt herkozen. Ik durf alvast te voorspellen dat Trump mij in dat geval ook de komende jaren flink zal laten zweten.