De omzet is met een fractie gedaald, van 835 tot 808 miljoen dollar. De cijfers vielen goed op de beurs, waar SBM met een koerswinst van ongeveer 5% de grootste stijger van de Midkap-fondsen was. Zo’n twee weken geleden raakte het fonds in een dag nog zo’n 15% van zijn beurswaarde kwijt na een negatief advies van een analist. Dit omdat de afwikkeling van de corruptie-affaire in Brazilië mogelijk toch weer duurder zou uitvallen dan verwacht.

Maar het lijkt er nu op dat het Schiedamse bedrijf dat lek eindelijk weet te dichten. SBM sloot twee weken geleden een ‘clementieovereenkomst’ met het Braziliaanse Openbaar Ministerie. De Nederlandse bouwer moet 300 miljoen dollar betalen aan boetes, schadevergoeding en vermindering van toekomstige huurinkomsten van twee fpso’s, drijvende olieproductie-schepen.

Verboden terrein

In ruil daarvoor wordt SBM weer toegelaten tot de Braziliaanse markt, die van levensbelang is voor de groep maar jarenlang verboden terrein was. Daarnaast kreeg het bedrijf een opdracht voor het ontwerp en de levering van de grootste fpso tot nu toe, de ‘Liza 2’. Die moet in 2022 klaar zijn en is bestemd voor het zogenoemde Stabroek-veld van ExxonMobil voor de kust van Guyana. De bouw van een fpso vergt al gauw een investering van anderhalf miljard dollar,

SBM wil het gevaarte, dat dagelijks 220.000 vaten olie moet kunnen produceren, bouwen volgens een nieuw protocol, het zogeheten Fast4Ward-programma. Dat gaat uit van toepassing van zoveel mogelijk standaard modules, wat de bouw sneller en goedkoper moet maken. Topman Bruno Chabas is zeer ingenomen met dat project: ‘Ons eerste op Fast4Ward gebaseerde contract laat zien dat we het vertrouwen van de markt krijgen. We willen deze filosofie toepassen op al onze producten en diensten’.