Opmerkelijk in die situatie is, dat de belangenverenigingen over deze extreme omstandigheden in alle talen zwijgen. Verladersclub Evofenedex, die bijna elke dag wel ergens een noodklok over luidt of een stormbal hijst, heeft er twee maanden geleden een persbericht aan gewijd, maar sindsdien is het stil. Expediteursvereniging Fenex deed in december voor het laatst een oproep aan het adres van de rederijen om ‘op te schalen’. Die oproep getuigde niet van veel realiteitszin, aangezien praktisch alles wat kon varen al werd ingezet en er dus weinig viel op te schalen. Maar sindsdien is het ook aan die kant stil geworden.

Het lijkt erop dat het besef is doorgedrongen dat er geen kruid is gewassen tegen de huidige beroerde situatie. Die is grotendeels een indirect gevolg van de al ruim een jaar aanhoudende coronapandemie. Aan huis gekluisterde consumenten begonnen achter hun scherm massaal spullen te bestellen, wat de vraag naar vooral in China geproduceerde goederen tot een ongekende hoogte opjoeg. Daardoor explodeerde de vraag naar containervervoer, met omhoog schietende prijzen en regionale containertekorten als gevolg. Ernstige congestie in Amerikaanse en Europese havens deed er nog een schepje bovenop.

Dat neemt niet weg dat de rederijen gouden tijden beleven. De winsten van vrijwel alle carriers zijn vorig jaar al door het plafond gegaan en als de voortekenen niet bedriegen, zitten er voor het lopende jaar nog aanmerkelijk betere resultaten in het vat. Rederijen verdedigen zich tegen de aantijging dat ze misbruik van de huidige krapte maken, en niet ten onrechte, met het argument dat ze die financiële injectie hard nodig hebben na een lange reeks van jaren met uiterst magere en vaak zelfs negatieve rendementen. Maar dat ontslaat ze niet van de dure plicht om die vertragingen aan te pakken.

Bij Maersk, nog altijd de grootste, lijkt dat kwartje gevallen te zijn, blijkt uit uitlatingen van de hoogste operationele man van het bedrijf, de Zwitser Vincent Clerc. In een interview met het Deense ShippingWatch zei hij ‘ontzet’ te zijn over het huidige serviceniveau met een punctualiteit van minder dan 50%. Hij zei dat de rederij alle zeilen bijzet om die punctualiteit omhoog te krijgen, maar repte met geen woord over eventuele compensatie voor getroffen verladers. De klant moet volgens hem maar begrijpen ‘dat een rederij nu eenmaal niet altijd geld kan verliezen’. Een waarheid als een koe, maar wat ook waar is, is dat verladers nu dubbel de klos zijn. Het is daarom geen gekke gedachte om in plaats van een congestietoeslag in rekening te brengen, nu een vertragingskorting toe te kennen.