Met de komst van het ERRU worden de sanctieregisters van lidstaten aan elkaar gekoppeld, met als doel een effectievere opsporing en handhaving. In het register worden onherroepelijke sancties en veroordelingen opgenomen. Het gaat om ongeveer 130 uiteenlopende overtredingen van bijvoorbeeld de rij- en rusttijden, overbelading, afmetingen en overtredingen met betrekking tot het gebruik van de tachograaf. Afhankelijk van de ernst van de overtreding worden strafpunten toegekend. Deze strafpunten kunnen aan zowel de transportonderneming als de vervoersmanager worden toegekend en tellen steeds mee voor een periode van twee jaar.

Bij overschrijding van een bepaalde grenswaarde bij de vergunning zal de ILT een advies sturen aan de Niwo. Die zal dan vervolgens een onderzoek beginnen en kan uiteindelijk overgaan tot schorsing of intrekking van de vervoersvergunning en/ of het ongeschikt verklaren van de vervoersmanager. Daarnaast zullen de registraties in de toekomst worden gekoppeld worden aan een risicoclassificatie. Dit laatste zal een belangrijk rol gaan spelen bij wegcontroles en ervoor zorgen dat een transportonderneming vaker langs de kant van de weg zal worden gecontroleerd of zal worden onderworpen aan bedrijfsinspecties.

Een effectievere opsporing en handhaving is een mooi doel. Toch heb ik zo mijn bedenkingen bij het ERRU-register. Met name vanwege het internationale systeem van vaste strafpunten. Naar mijn mening zijn de verschillen tussen EU-lidstaten met betrekking tot de wijze van opsporing en handhaving hiervoor simpelweg te groot. De regelgeving inzake het register lijkt hier onvoldoende rekening mee te houden, waardoor transportondernemingen en vervoersmanagers ten onrechte onder een vergrootglas kunnen komen te liggen of zelfs onderwerp zouden kunnen worden van een betrouwbaarheidsonderzoek met mogelijk verstrekkende gevolgen. Daarnaast zal ieder EU-land dat onderzoek op andere wijze invullen. Rechtsongelijkheid en willekeur liggen dan op de loer. Met de nodige randvoorwaarden, vastgelegd in beleidsregels, kan dit deels worden voorkomen. Ik ben dan ook erg benieuwd naar de Nederlandse beleidsregels die vanaf maart gaan gelden.

Ondanks die beleidsregels moet één ding voorkomen worden: een teveel aan onherroepelijke sancties en veroordelingen in het ERRU-register. In eerste instantie betekent dit dat boetes aangevochten moeten worden en niet ‘zomaar’ moeten worden betaald om er dan maar vanaf te zijn. Zolang een boete nog niet onherroepelijk is, zal deze niet worden opgenomen in het register. Maar meer nog dan het aanvechten van boetes, dienen overtredingen voorkomen te worden. En dat betekent dat transportondernemingen intensief moeten gaan inzetten op het proactief aanscherpen van de bedrijfsvoering en het voorkomen van overtredingen. Gelukkig zie ik dit in mijn dagelijkse praktijk steeds meer gebeuren en met het ERRU-register voor de deur zal dit alleen nog maar belangrijker worden. Niemand wil tenslotte zijn vergunning verliezen vanwege overtredingen die makkelijk voorkomen hadden kunnen worden.