Je zou kunnen zeggen dat deze specifieke markt aan de basis bestaat uit een groot aantal bedrijven dat zich bezighoudt met het – nadat het product eenmaal is verkocht – leveren van goederen (spare parts, onderdelen, elektronica) en diensten (maintenance, onderhoud, reparatie, transport en logistiek), inclusief de productinformatie (reviews, product specs).

Nieuwe diensten omvatten ook upgrades van producten en retrofit- programmering, waarbij na verkoop de goederen en onderdelen worden toegevoegd aan het oorspronkelijke product. Een voorbeeld is een kastje bij een gitaarversterker, waardoor het mogelijk wordt ontelbare soorten geluid te fabriceren. Als amateurmuzikant vind ik dat natuurlijk een geweldige ontwikkeling. Tot slot kan deze markt ook bestaan uit elektronica en apps met een voorspellende waarde, een signaalfunctie en/of operationele ondersteuning op afstand.

Kenmerkend in deze markt is dat deze producten en diensten lange tijd primair zijn ontwikkeld door de OEM-ers (Original Equipment Manufacturers), de oorspronkelijke ‘makers’ van een product, maar nu steeds meer worden omgeven door nieuwe bedrijven die opkomen uit digitalisering, robotisering en 3D-printen.

Logistieke dienstverleners als FedEx, UPS en DHL richten zich ook in toenemende mate op deze markt. Dit heeft grote gevolgen voor de zogenaamde ‘non moving items’. Om even bij het onderwerp 3D-printen te blijven: voorheen werkten veel bedrijven met een servicecontract, waarbij een noodzakelijke voorraad moest worden aangelegd om bij het niet goed functioneren van een product snel nieuwe onderdelen te kunnen leveren. Feitelijk betreft het een ‘slapende’ voorraad, pas geactiveerd als de klant hierom vraagt. Indien 3D-printen het mogelijk maakt om ter plekke of dicht op locatie een product(onderdeel) te maken, kan de voorraad drastisch worden teruggedrongen en daarmee de kosten.

De exacte omvang van de ‘after market’- markt is niet bekend, maar uit recent onderzoek van McKinsey blijkt dat in China de groeicijfers van originele producten (met jaarlijkse double digit groeicijfers over de afgelopen 20 jaar) nu aan het afnemen zijn, terwijl bijvoorbeeld de voorraad aan robots in dezelfde periode is gegroeid van 1.000 naar 650.000 (goed voor circa een kwart van de totale mondiale voorraad aan robots). Dit vraagt om een andere kijk op welke producten behalve het primaire product aan klanten worden aangeboden. En een andere kijk op de onderliggende supply chains.

Daar waar voorheen de ruimtelijke strategie van bedrijven er zodanig uitzag dat eindproducten en reserve-onderdelen vaak op eenzelfde locatie werden ‘gecombineerd’, verwachten experts een trend van het scheiden van de logistiek van het primaire product en de logistiek van de ‘after market’- services. Nederland, dat niet bepaald meer bekend staat als een ‘productieland’, kan hiervan profiteren omdat we van oudsher wel een belangrijke warehouse-rol hebben en daaraan deze ‘after market’- services kunnen toevoegen. Dit is een interessante markt die ook – zo blijkt uit internationaal onderzoek – tot hoge en hogere winstmarges kan leiden: van 8% op het oorspronkelijke product tot zelfs meer dan 30% op de ‘after market’-services. Inzetten op dit marktsegment kan dan ook veel opleveren; wie investeert mee?