Opvallend is dat de oorsprong is gelegen in een kwestie met een vrij bescheiden omvang. Een Poolse expediteur maakte bezwaar bij de Duitse bestuursrechter en stelde dat de wijze van berekening van de toltarieven door de Duitse overheid niet juist zou zijn geweest. Hierdoor zou de ondernemer tussen 2010 en medio 2011 een bedrag van circa 12.500 euro te veel hebben afgedragen, een bedrag dat-ie terug wilde eisen.

De kwestie kwam voor het ‘Oberverwaltungsgericht’, de hoogste Duitse bestuursrechter. Volgens de Europese richtlijn dienen de toltarieven uitsluitend te worden gebaseerd op het terugverdienen van de infrastructuurkosten, en juist daar bleek de schoen te wringen. Gebleken is namelijk dat de Duitse overheid onder andere de kosten voor de verkeerspolitie had meegenomen in de bepaling van de hoogte van de toltarieven. De hoogste bestuursrechter van Duitsland besloot daarom om vragen te stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie. Dat Hof kwam tot de conclusie dat de berekeningswijze van de Duitse overheid niet juist is geweest en dat er ten onrechte kostenposten, zoals die kosten voor de verkeerspolitie, zijn meegenomen in de bepaling van de hoogte van de toltarieven. Overigens heeft het Hof het verzoek van Duitsland om de werking van het arrest te beperken in tijd, resoluut afgewezen. Er kan dus ook een beroep worden gedaan op het arrest voor wat betreft de geheven toltarieven van vóór het arrest.

Sinds de uitspraak ontvang ik steeds vaker vragen over de betekenis hiervan voor de transportsector. De waarde van het arrest moet naar mijn mening niet worden onderschat. Uiteraard dient de Duitse bestuursrechter nog een beslissing te nemen over de zaak van de Poolse expediteur. De Duitse bestuursrechter is hierbij gebonden aan het arrest van het hof, maar de waarde van het arrest strekt veel verder dan alleen deze kwestie. Aangezien het Hof duidelijk heeft geoordeeld dat de door Duitsland gehanteerde berekening van de toltarieven onjuist is, dient naar mijn mening te worden geconcludeerd dat de transportsector jarenlang te veel tol heeft betaald.

De paniek die nu zou zijn uitgebroken bij de Duitse overheid, is niet zonder reden. Het aandeel van het beroepsgoederenvervoer in het afdekken van de kosten van de verkeerspolitie middels de tolheffingen zou naar schatting jaarlijks 200 miljoen euro bedragen. Het ministerie in Berlijn zou ter verdediging hebben verwezen naar de omstandigheid, dat de Europese Commissie bij de berekening van de toltarieven in 2014 en 2018 geen bezwaar zou hebben gemaakt ten aanzien van de kosten van de verkeerspolitie. Ook zou de Duitse regering hopen dat een deel van de vorderingen verjaard is. Een in mijn ogen zeer opmerkelijke reactie van de Duitse overheid. Nu duidelijk is dat ten onrechte te hoge toltarieven zijn gehanteerd, zou het de Duitse overheid sieren deze fouten te erkennen en uit eigen beweging te herstellen. Dit lijkt vooralsnog helaas dus een
te hoopvolle gedachte. Vermoedelijk zal het daarom aan de transportsector zijn om te ageren. De (bescheiden) procedure van de Poolse vervoerder lijkt hier in ieder geval de weg voor vrij te hebben gemaakt.