In haar promotiemateriaal strooit de nieuwbakken Nobelprijswinnaar kwistig met meer cijfers van zijn op volle toeren draaiende logistieke machine. Zo bevindt zich, as we speak, twee- tot driehonderdduizend ton voedsel van het Programme aan boord van vrachtschepen: deels op gecharterde vaartuigen, deels op reguliere containerlijndiensten. Tegelijkertijd zijn verspreid over de aardbol 5600 vrachtwagens voor de organisatie aan het werk. En hetzelfde geldt voor de dag dat u deze column in uw kattenbak drapeert en voor alle dagen erna. De organisatie gebruikt op jaarbasis 75.000 zeecontainers, en wie 700.000 bereidwillige Aziatische olifanten bijeen brengt op een weegschaal, ziet op de display ongeveer het totaalgewicht dat het voedselprogramma op jaarbasis aan vracht laat vervoeren.

Logistiek is, zoals de organisatie het zelf verwoord, de ‘ruggengraat’ van het Wereldvoedselprogramma. Daardoor is 2020 ook voor de Nobelprijswinnaar een jaar vol hindernissen geworden. De scheepvaart waarvan de organisatie zo’n trouwe klant is, legde vanwege de coronacrisis veel vaartuigen stil, waardoor het programma zich wel móest ontpoppen tot ‘s werelds grootste airline teneinde al dat voedsel en veel medische hulpmiddelen snel op de juiste plekken te krijgen. En de nood zal nog een tijd hoog blijven. Dinsdag waarschuwde Oxfam Novib opnieuw voor het ‘hongervirus’ dat in het kielzog van het coronavirus miljoenen mensen het leven zou kunnen gaan kosten.

Louise Fresco, van Wageningen University & Research, vond de toekenning van de Nobelprijs een ‘gemiste kans’ omdat het Wereldvoedselprogramma slechts distribueert. Voedselhulporganisaties die zich inzetten om de lokale voedselproductie in Afrikaanse en andere landen te bevorderen, zijn minstens zo lovenswaardig, vond de professor. Zal best, ook historische vredesprijswinnaars hadden hun strijdmakkers voor de goede zaak. Maar dit coronajaar is nou niet het ideale moment om álle voedselhulporganisaties naar Oslo te halen voor een feestje.