Ten eerste is dienstverlening tussen twee derde landen bij uitstek een kenmerk van de Nederlandse zeevaartsector. De sector voert veel dienstverlening tussen landen elders in Europa en de wereld uit en is niet sterk aan de Nederlandse zeehavens gebonden voor zijn business.

Ten tweede is het een stroom tussen een sterke Europese economie met één van de opkomende landen in Oost-Europa – de economische groei in Letland was de afgelopen tien jaar ongeveer het dubbele van ons land. Dit is illustratief voor een ontwikkeling die recentelijk sterk in de aandacht staat: nearsourcing. Nearsourcing is het toeleveren vanuit landen in de nabijheid van economische centra, de bevoorrading van West-Europa vanuit Oost-Europa bijvoorbeeld. Dit is een ontwikkeling waarbij groei binnen Europa – intra-Europese groei, ofwel regionalisering – sterker is dan groei tussen Europa en de grote handelsblokken in de wereld.

Deze nearsourcing is al een aantal jaren gaande en er wordt verwacht dat de coronacrisis dit zal versterken wegens het belang dat verladers zijn gaan hechten aan overzichtelijke, korte, meer lokale ketens om sneller op marktontwikkelingen te kunnen reageren en om niet afhankelijk te zijn van zeer lange, complexe en kwetsbare ketens. De lockdown in China bracht dit risico goed in beeld en momenteel wordt het risico van een economische ontkoppeling met China steeds meer reëel. Van shortsea wordt verwacht dat het een sterkere rol zal gaan spelen door deze nearsourcing en regionalisering.

Ten derde is het een illustratie van het ondernemerschap in de sector: juist in de crisis nieuwe activiteiten starten. Wagenborg is dan ook een voorbeeld van een bedrijf dat mijn oud-collega Michiel Nijdam aanduidde met ‘leader firm’: bedrijven die vooroplopen in kennis, innovatie, duurzaamheid en die een actieve rol spelen in ondernemersnetwerken in de zeevaart. In een onderzoek naar economische relaties in de zeevaart onderscheidden wij een opvallend hoog aantal leader firms.

Tenslotte vind ik de inzet op bouwmaterialen opvallend. Dit is een illustratie van een nieuwe rol die shortsea – maar ook de binnenvaart – gaat spelen in bouwlogistiek. Daarbij gaat het niet alleen om goederenstromen van grondstoffen voor de bouw maar in toenemende mate om stromen gericht op hergebruik en recycling van bouwmaterialen: circulaire stromen. De EU besteedt in haar Green Deal veel aandacht aan de circulaire economie. Nu al is sprake van omvangrijke shortsea-stromen van schroot en andere te hergebruiken materialen. De circulaire economie belooft een kansrijke nieuwe markt voor shortsea te worden.

Kortom; shortsea zit in de lift. Wat zou het mooi zijn als deze potentie breed onder de aandacht van de markt zou worden gebracht door een Voorlichtingsbureau Shortsea Shipping 2.0. Want het gaat niet vanzelf!

Bart Kuipers, haveneconoom