De laatste tijd is daarbij een belangrijke trend waarneembaar naar verduurzaming van de corridors en de logistieke knooppunten, die verder gaat dan louter modal shift. Een mooi voorbeeld daarbij is de ‘World Ports Sustainability Award’, een prijs voor toepassing van OESO-richtlijnen voor zeehavens op het gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen, die de zeehavens van Rotterdam, Amsterdam, Terneuzen/Vlissingen, Moerdijk en Groningen onlangs ontvingen.

Zo’n prijs roept bij mij wel de vraag op hoe het dan zit met de de opschaling vanuit die havens naar de knooppunten in het achterland. Natuurlijk, er zijn al bedrijven en ondernemers die daar duurzame brandstoffen aanbieden. Ook zijn er diverse pilots met duurzame binnenvaart  (elektrisch varen, duwboten die varen op duurzame brandstoffen) en worden in navolging van het Portbase systeem in Rotterdam digitale datasystemen ontwikkeld voor de corridorpartijen, die de bedrijven in de keten beter moeten laten functioneren als één logistiek geheel.  Mooie initiatieven, maar er is meer nodig.

Het ‘oudste’ logistiek knooppunt (Nijmegen), waar eind jaren tachtig van de vorige eeuw ook de eerste succesvolle bargeterminal werd gerealiseerd, geeft daar wellicht het goede voorbeeld. Onlangs hield Joop Mijland, directeur BCTN (de grootste inland terminaloperator in Nederland en België met 8 binnenvaart-terminals en 350.000 vierkante meter terminal-ruimte) een vlammend betoog over de groene doorontwikkeling van zijn bedrijf.

BCTN wil samen met partners pal naast de overslagterminal in Nijmegen een bedrijventerrein ontwikkelen, waar op één plek energie opwekken en energieopslag worden gecombineerd met energie-consumptie. Het terrein van ongeveer 30 hectare waarop vroeger een energiecentrale stond wordt nu een toekomstbestendig duurzaam bedrijventerrein. Er vindt opwekking van energie plaats met zonnepanelen op de daken van distributiecentra en windmolens. Daarnaast wordt en energie opgeslagen in grote batterijen, zogenaamde ‘superchargers’. Tot slot wordt laadinfrastructuur gecreëerd om die energie te gebruiken voor vrachtauto’s, materieel dat in warehouses en terminals wordt gebruikt, stadsdistributie, openbaar vervoer en sinds kort ook elektrische schepen. Een prachtig voorbeeld hoe een logistiek knooppunt verder kan worden ontwikkeld.

Maar we weten dat één zwaluw nog geen zomer maakt, oftewel pilots en de eerste successen zijn goed en noodzakelijk, maar het gaat uiteindelijk om forse investeringen in een groot opschalingsvraagstuk. Juist hier ligt in mijn ogen de uitdaging voor de komende jaren. Ondernemers kunnen en zullen businesscases moeten ontwikkelen. Het voldoen aan de enorme klimaatuitdagingen, terwijl de winkel draaiende moet blijven, vraagt om nieuwe en gezamenlijke investeringsplannen. Hiervoor kunnen overheden, zowel EU als Rijk en ook de regio, een belangrijke functie als co-financier vervullen.

Bedrijven en overheden dienen samen een corridorinvesteringsfonds op te zetten. Een fonds, waar consortia van bedrijven een beroep op kunnen doen om de onrendabele top van hun businesscases te financieren. Dit alles via een vernieuwde aanpak, door vooraf de voorwaarden van overheden en de kapitaalmarkt vast te leggen en de businesscases daarop in te richten.