Dat drankje bevat een mengsel van melk, granen, biscuit, water en plantaardige olie. Mijn vraag: is dit voor de Douane een bereiding voor kindervoeding of behoort dit toe aan de categorie ‘andere alcoholvrije dranken? Je voelt hem misschien al aankomen, iedereen denkt het eerste, het is het laatste.

Dit voorbeeld onderstreept de complexiteit en soms onnavolgbaarheid van de Douane. Eind vorig jaar verscheen een uitspraak van de Hoge Raad waarin de classificatie van vloeibare kindervoeding in het geding was, waarbij gevoelsmatig alles wees op indeling van dit product als een bereiding voor kindervoeding.

Alles, behalve de wet… Die zegt namelijk dat voor de indeling van goederen de bewoordingen van de tariefposten (en de aantekeningen op de afdelingen en de hoofdstukken) wettelijk bepalend zijn. En tariefpost 1901 zegt het volgende: ‘bereidingen voor menselijke consumptie van meel, gries, griesmeel, zetmeel of moutextract (…), elders genoemd noch elders onder begrepen’.

Dat klinkt cryptisch, maar in de onderverdeling van 1901 volgt wat meer verduidelijking: ‘bereidingen voor de voeding van zuigelingen of van jonge kinderen opgemaakt voor verkoop in het klein’. Iedereen leest deze laatste zin en denkt: uitgemaakte zaak, dat is ‘m. Maar het probleem zit juist in het dikgedrukte zinnetje dat daarvóór staat.

Die zinsnede zorgt ervoor dat dit een restpost is. Ofwel, als een product onder een andere tariefpost kan worden ingedeeld, dan heeft die andere tariefpost altijd voorrang. Ook als die andere tariefpost niet heel goed lijkt te passen. Een beetje is al voldoende.

Met dat in het achterhoofd, is dit melkdrankje in de basis gewoon een vloeibaar product bestemd voor menselijke consumptie. En dat soort producten kunnen worden ingedeeld onder tariefpost 2202 als ‘andere alcoholvrije dranken’.

Hoewel het product veel meer lijkt op ‘bereidingen voor de voeding van zuigelingen of van jonge kinderen’ vallend onder tariefpost 1901, kan het daar niet worden ingedeeld omdat 1901 een restpost is. Nu een alternatief voorhanden is, geldt dat alternatief. Douane-technisch gezien, geef je in dit geval dus geen bereidingen voor voeding voor jonge kinderen maar geef je gewoon een alcoholvrije drank.

De moraal van dit verhaal is dat het werk van de Douane, en dan met name classificatie, een complex vakgebied is. De wetgever en de Douane proberen zoveel als mogelijk dit begrijpelijk en toegankelijk te maken voor importeurs, maar het zijn vaak dit soort uitzonderingen die voor de nodige onzekerheid zorgen. Met name als het aankomt op classificatie en restposten.

De Gecombineerde Nomenclatuur kent nu eenmaal een hoop restposten. Gelukkig biedt het douanerecht ook mogelijkheden om die onzekerheid aan de voorkant te managen, zoals door het aanvragen van een bindende tariefinlichting bij de Douane. Mijn advies is dan ook om gebruik te maken van die mogelijkheden, want dat scheelt een hoop kosten, onzekerheid en slapeloze nachten.

Overigens is het raadsel uit mijn inleiding niet geheel fictief. In februari verwachten wij ons eerste kindje en ik sta vaak met grote vraagtekens in een babywinkel. Welke luiers, wel of geen luchtdoorlatende matrastoppers en waarom is alles zo ontzettend duur? Daar zou wat meer info (een bindende babyinlichting) welkom zijn. Scheelt mij waarschijnlijk ook een hoop kosten, onzekerheid en slapeloze nachten.

Raoul Ramautarsing, douaneconsultant