Die realiseren zich terdege dat missers niet alleen mens en milieu in gevaar kunnen brengen, maar ook het eigen bedrijf. Incidenten met gevaarlijke stoffen komen nu eenmaal onvermijdelijk onder het vergrootglas van de publieke opinie, media en bestuurders.

Groot was dan ook de verbazing dat het zó mis kon gaan bij Odfjell Terminal Rotterdam (OTR), de tankterminal in de Botlek, die de Noren ruim tien jaar geleden van Vopak overnamen. Na een lange reeks van al dan niet verzwegen incidenten, waaronder lekkages en allerlei technische tekortkomingen, greep de top uit Bergen eind juli uiteindelijk in. De terminal werd stilgelegd en het lokale management aan de kant gezet.

De problemen in Rotterdam leveren Odfjell een enorme deuk in het imago op. Klanten zullen ongetwijfeld willen weten of de problemen bij OTR op zichzelf staan of dat er meer aan de hand is. De tot nu toe geleden reputatieschade heeft ongetwijfeld meegewogen in de beslissing om de hele terminal stil te leggen, een operatie die wereldwijd zonder precedent is en een uiterst kostbare manier om de schade te beperken.

De volgende stap is, niet verwonderlijk, een personele reorganisatie. Bij gebrek aan activiteiten wil het bedrijf zo’n 120 banen schrappen. De vraag is of het dat op een nette manier wil doen of dat het uit is op een koude sanering en een harde confrontatie met bonden. Het zou zuur zijn, om het voorzichtig te zeggen, als de werknemers de dupe worden van het falende veiligheidsbeleid van het management. Het bedrijf kan zichzelf een dienst bewijzen door een goed sociaal plan te maken en zo zijn geschonden blazoen op te poetsen. Voor het geld hoeft Odfjell het niet te laten. Die paar miljoen voor een sociaal plan vallen in het niet bij de 250 miljoen die nodig zijn om de spullen op orde te krijgen.

Rob Mackor