Dat alles, wist De Rouwe, symboliseerde het Draagvlak voor de eerlijke afrekening, gelijke monniken gelijke kappen, van elke over ons wegennet gereden kilometer. Gedifferentieerd naar tijdstip van verplaatsing en milieugedrag van het voertuig. Het was eigenlijk, hoewel coalitiepartner VVD er de electorale banvloek over had uitgesproken, wel een Goed Plan. Dat bevestigde ook Hans Smits, baas van het Rotterdamse havenbedrijf, die, toevallig in Den Haag, een CDA-mobiliteitsvisie kwam helpen compileren.

“Dit kan een grote bijdrage aan de oplossing van ons fileprobleem leveren, Sander”, had Hans gezegd. “Mensen gaan hun werktijden spreiden, meer thuiswerken als dat kan. Ze laten de auto vaker staan.Verladers openen eerder in de morgen hun deuren voor hun vervoerders. Het is een afscheid van de 9-tot-5-verstarring en een welkom aan de 24-uurseconomie.”

De Rouwe begreep wel dat het er deze regeringsperiode niet meer van zou komen, van het Plan. Maar zijn partij, zoekend naar een iets linksere positie dan het huidige vrij rechtse midden, kon het misschien gebruiken in de toenadering tot GroenLinks en de PvdA, partijen die van meet af aan de andere beprijzing hadden gesteund. “Niet slecht voor de profilering”, overwoog hij, het pakje groen uitgeslagen brood in de prullenmand verstoppend onder een laagje mandarijnenschillen.

Om niet te hard van stapel te lopen, verzon De Rouwe eerst maar een Plan Light: een ‘platte’ heffing. Daarmee verlies je enkele voordelen van de eerlijke beprijzing, maar je voorkomt ook dat invoering gepaard gaat met te hoge exploitatiekosten. Smits schudde het hoofd. Probeerde zijn haven niet juist, de vervuilendste schepen het meest te laten betalen voor een aanloop? Maar met het Nieuwe Plan kon hij voorlopig leven.

Folkert Nicolai