Toch werden we in dit verhaaltje gered door de gong, omdat anders onze nazaten het boek van de eenentwintigste eeuw nooit ter hand zouden kunnen nemen. We hebben dus in de rest van deze eeuw iets op het klimaatprobleem verzonnen, de euro een stabiele plaats als wereldmunt weten te verschaffen en onze wereldbevolking zo geografisch weten te mengen en haar groei kunnen afremmen, dat de planeet over tweeduizend jaar nog bestaat, zelfs floreert en toegang heeft tot onmetelijke kennis- en energiebronnen.

Verplaats je eens naar het jaar 0. De Romeinen waren technisch best wel ver gevorderd en bovendien niet afhankelijk van olie, maar van wind en spierkracht. Ergens in een ver wingewest van hun Rijk werd een veelbelovend jongetje geboren, dat zich na zijn treurige dood, luttele drie decennia later, zou ontwikkelen tot het morele idool van miljarden mensen – joden, christenen, moslims, zelfs ongelovigen, dat maakt niet uit.

Geen slecht jaar al met al, dat jaar 0, ook al zou het worden gevolgd door bloedige oorlogen en duistere middeleeuwen, waaruit zich pas toen het Imperium Romanum in één van de vele vroegere oost-westconflicten definitief door de knieën ging, de Verlichting zou ontwikkelen. Die bracht ons een reusachtige verbreding en verdieping van kennis, en ook de Industriële Revolutie, waaraan wij nu onze olieverslaving te wijten hebben, maar evengoed een sterk verhoogde kans om die weer te overwinnen.

Deze eeuw is een nieuw 0 AD, opgerekt tot honderd jaar. We hebben de keus die eeuw te vullen met nieuwe iconen: Ghandi’s, Gorbatsjovs, Mandela’s, Havels. Als hun namen opduiken in het boek waaraan wij nu schrijven, zullen onze verre nazaten het met toenemend plezier lezen.

Folkert Nicolai