Met die ‘Atomausstieg’, de laatste centrale moet tegen 2022 dicht zijn, heeft Angela Merkel heel wat overhoop gehaald. Je vraagt je af hoe Duitsland in zijn groeiende energiebehoefte wil voorzien als kernenergie, die een belangrijk aandeel in de stroommix heeft, straks niet meer leverbaar is.

Vervangers zijn misschien biobrandstof, mogelijk ook schonere kolen, gas uit Rusland waarschijnlijk, wind, zonnecollectoren, waterkracht, waterstof, wie weet kernfusie. De technieken om die krachtbronnen in voldoende mate aan te boren, zijn nog lang niet uitontwikkeld. De energie zelf is in potentie wel volop aanwezig, dat is waar.

Een prachtige uitdaging natuurlijk voor al die schrandere Tüftler, bij bedrijven als Siemens, die Diplom Ingenieur achter hun naam mogen zetten. Waarom je atoomenergie niet volstrekt veilig zou kunnen maken, is me een raadsel.

Maar vermoedelijk is een algeheel verbod, zoals Berlijn heeft afgekondigd, een heel slimme maatregel om uitvinders te dwingen met nieuwe oplossingen te komen. Oplossingen in een heel andere richting, wel te verstaan. Die Atomausstieg lijkt zo een beetje op de ‘creatieve destructie’ uit het economische leerboek van Joseph Schumpeter. Een destructie, in dit geval, door de overheid afgedwongen.

Folkert Nicolai

Zou Bayer het eigenlijk menen? Het zal zo’n vaart niet lopen. Er zijn wel landen waar energie duidelijk goedkoper is dan in Duitsland, landen heel wat verderop in de wereld. Maar de chemie is een kapitaalintensieve sector. Het kost je miljarden euro om een deel van je hebben en houden naar een ander land over te brengen, met als beloning een kostenvoordeel dat zich pas over vele jaren uitbetaalt.

Ik denk dat ze daar in Leverkusen en omgeving nog wel even knopen zullen tellen. De dreiging van een ‘Deutschlandausstieg’ is er één voor de Bühne. Al veel vaker gehoord, al veel vaker niet uitgevoerd. Daar kun je vergif op innemen.