Het aantal websites waarop vluchten naar het betrokken gebied worden aangeboden, is de afgelopen jaren exponentieel gegroeid. De geboden informatie is verbijsterend. Veel van die sites zijn wat ik maar in scheepvaarttermen noem een nvocc, een non-vessel operating common carrier. Ze hebben allemaal wat stoelen in de aanbieding van pakweg KLM, Lufthansa, Iberia, Delta, Continental. Zijn de stoelen op precies die gewenste vlucht al vol, dan moet je even zoeken. Dat kan uren duren.

Wij hebben onze vakantiebestemmingen altijd lukraak geprikt: Indonesië, Kenya, Thailand, Chili, Sri Lanka, Cambodja, Zuid-Afrika, Suriname. Je boekt een vlucht en een hotel voor een paar dagen. Daarna het normale leven in, met z’n gammele bussen, schitterende treinreizen door de rijstvelden, oerwouden en woestijnen en aankomst in weer zo’n stadje dat je met een al dan niet warm bad omarmt tegen, puur markttechnisch gezien, duidelijk iets te hoge kamerprijzen, omdat je nu eenmaal verzuimd hebt tijdig te reserveren.

We waren dus door de jaren heen voor het binnenlandse traject onze eigen expediteur. Dat bracht je op de meest bizarre plekken, de niet zo moderne, waar de lokale bevolking geen weet had van het bestaan van westerlingen, miljoenpoten zich naast je vochtige blote voeten op het terras oprolden en olifanten hun niet kinderachtige gevoeg pal achter je tweepersoons tentje waarschuwend achterlieten. Waar apen de gebakken eieren gierend van de pret van je ontbijtbord kwamen jatten.

Als de hedendaagse expediteur die duizenden webspoorboekjes op internet moet aflopen om voor z’n klant de juiste route uit te stippelen, is dat volgens mij geen vooruitgang. De echte expediteur weet de weg, kan improviseren en kent de handige adresjes. De ware kennis zit in het hoofd, niet op het web.