Kallas wil ervoor zorgen dat boetes bij overtreding van de rusttijdenregelgeving elkaar niet te veel meer van land tot land ontlopen. Hij wil de handhaving harmoniseren en hij wil ook dat alle autoriteiten op dit gebied eenzelfde training doorlopen, voordat ze al controlerend de weg op worden gestuurd. Hun moet dezelfde mentaliteit worden bijgebracht.

Het zou vervoerend Europa een lief ding waard zijn als Kallas hierin slaagt. Al jaren wordt geklaagd over de soms torenhoge boetes die,
vooral in zuidelijke lidstaten, worden uitgedeeld voor kleine vergrijpen tegen de rij- en rustregels. Wie wordt gesnapt voor enkele uren te lang doorrijden, kan in sommige landen zomaar voor enkele duizenden euro’s op de bon gaan. Het zal Kallas overigens niet meevallen afzonderlijke lidstaten te overreden op dit punt iets van hun soevereiniteit in te leveren.

Eigenlijk moet Kallas nog een stapje verder gaan. Hij zou een einde moeten maken aan de vrij automatische manier waarop chauffeurs
worden beboet als ze een kwartiertje in rusttijd hebben doorgereden om een beveiligde parkeerplaats te vinden. Zulke sancties bevorderen de verkeersveiligheid niet. Wel schaden ze de transportveiligheid, omdat chauffeurs geneigd zullen zijn uit angst voor een boete hun voertuig bij gebrek aan goede parkeerplaatsen onveilig aan de wegkant te zetten.

Het is te hopen dat de transportcommissaris dat laatste probleem, ook al zou het in zijn Witboek niet aan de orde komen, met voortvarendheid aanpakt. Ook hier zal hij politiek weer door roeien en ruiten moeten gaan. Dat moet dan maar; het is soms de enige manier om in Brussel iets te bereiken.