De lasten van de hoge lening die je af hebt gesloten om dat nieuwste model barge te kopen, drukken zwaar in de recessie waarin het vrachtaanbod met een loep te zoeken is. Tarieven worden door veel machtigere marktspelers aan de andere kant laag gehouden. In de Rotterdamse haven moet je opeens tegen je zin langzaam varen, met alle gevolgen voor je dienstverlening. En als je dan kan varen, lig je dagen in de file op de belangrijkste vaarader de Rijn, gestremd door een gekapseizde medeschipper.

De schippers smeken al geruime tijd om mededogen. Het is ze niet gegund. Banken likken vooral hun eigen wonden en zijn maar mondjesmaat bereid te helpen. Verladers zijn veel te groot en te machtig, en dwingen moeiteloos mededogen voor hún positie af. De politiek reageerde met een klassiek recept: een rapport. Binnenvaartambassadeur Arie Verberk bleek niet de vanzelfsprekende verdediger van de belangen te zijn die zijn functietitel beloofde: hij honoreerde de roep om steun en geld niet. Sterker: hij gaf de schippers een veeg uit de pan, omdat ze nooit samen een vuist maakten maar het ieder voor zich bleef.

Het was wachten op de positie die de nieuwe minister van Infrastructuur zou gaan innemen. Haar achtergrond, strak liberaal en ondernemersgezind, zou toch enige hoop mogen bieden. Dat heeft niet zo mogen zijn. En dat hadden de schippers kunnen weten. Dit kabinet geeft geen cadeautjes meer weg. Het is bezuinigen geslagen. Schultz van Haegen grijpt de kans die de analyse van Verberk haar bood met beide handen aan: de sector moet naar zichzelf kijken. Samenwerken, sterker worden en zo hogere prijzen afdwingen, de sector moet het zelf doen. Dat standpunt overnemen kost de minister het minste geld.

De sector sputtert nog wel tegen, zoals met verzet tegen de prijsindex die iets aan het tarievenprobleem kan doen. Het advies is: geef het verzet op, werk mee. Pick your battles, en spaar de energie voor het herstel.