Het is de bedoeling dat de eerste twee waterstofschepen in 2024 operationeel zijn. In de eerste fase wordt een technische en economische haalbaarheidsstudie uitgevoerd. Het ontwerp wordt gericht op een scheepstype  dat ook bij lage waterstanden op de Rijn inzetbaar blijft. Volgens woordvoerder Wilco Volker zou de NPRC daarmee de eerste met een waterstofschip op de Rijn zijn.

Covestro heeft fabrieken aan het water in Uerdingen, Dormagen en Leverkusen en produceert polymeren, belangrijke grondstoffen voor de kunststofindustrie. Daarvoor wordt onder meer zout via de Rijn aangevoerd.  De twee bedrijven zeggen nu die ladingstroom stap voor stap broeikasgasvrij te willen maken. Onderzocht wordt of Covestro zelf groene waterstof kan gaan leveren om de schepen van brandstof te voorzien.

Twentekanaal

Volgens Volker zijn ‘alle ingrediënten aanwezig om van dit project een succes te maken’. Het zout wordt in de Covestro-fabrieken via elektrolyse gesplitst in chloor en waterstof. Volgens Volker gaat het Covestro om het chloor en is de waterstof eigenlijk een restproduct. 

Schepen van de NPRC vervoeren jaarlijks zo’n anderhalf miljoen ton zout naar de Covestro-fabrieken. In verband met de diepgang van het Twentekanaal kunnen ze maximaal 1700 ton laden. Er wordt gewerkt aan verdieping van het kanaal, zodat de schepen zo’n 500 ton meer kunnen laden. Het ontwerp van het waterschip wordt gebaseerd op die grotere capaciteit.

Honderd vrachtwagens

Momenteel laat NPRC in verband met de stremming van de midden-Rijn overigens in Maastricht en het Duitse Rheinhausen zout van de schepen op vrachtwagens overslaan om de fabrieken te kunnen blijven bevoorraden. ‘Dat is een dure operatie, maar het is nog duurder om fabrieken stil te laten vallen’, aldus Volker. Volgens hem is er inmiddels zo’n 2500 ton met honderd vrachtwagens van het water de weg opgegaan.

Het waterstofproject maakt deel uit van het samenwerkingsverband RH2INE van zeventien partijen, waaronder de deelstaat Noordrijn-Westfalen,  de provincies Gelderland en de havenbeheerders Duisport, Rheincargo en Havenbedrijf Rotterdam. Die brengen gezamenlijk een half miljoen euro bij elkaar. Daarnaast is er een Europese subsidie van 200.000 euro voor onderzoek aangevraagd.

Rijn-Alpen corridor

Covestro heeft zijn hoofdkantoor in Leverkusen en beschikt wereldwijd over zo’n dertig productielocaties. De groep maakte tot 2015 deel uit van Bayer, die de polymerenfabrikant toen afsplitste en naar de beurs bracht. De onderneming levert onder meer aan de de bouw, de auto- en houtverwerkingsindustrie en aan de elektronicasector.

RH2INE, wat staat voor Rhine Hydrogen Integration Network of Excellence, is erop gericht om transport via water, weg en spoor via de zogeheten Rijn-Alpen corridor te laten overschakelen op waterstofaandrijving. Volgens onderzoeksbureau Panteia, dat betrokken was bij de totstandkoming van het initiatief, zouden de komende jaren de eerste tien tot vijftien binnenschepen op waterstof kunnen gaan varen.