Voorzitter van ASV Gerberdien Le Sage vindt dat de overheid nu risico’s neemt, wat betreft het verplichten van biobrandstoffen, die een overheid niet zou mogen nemen.

Troep

Volgens Le Sage zijn de grootste pijnpunten van biodiesel dat nabehandelingssystemen, leidingen en filters van motoren verstopt gaan zitten. Door biodiesel kan corrosie ontstaan, zegt Le Sage. ‘Wij kunnen niet controleren waar de biodiesel vandaan komt. Er wordt veel gesproken over UCO, Used Cooking Oil. Met andere woorden: gebruikt frituurvet dat uit een friettent komt. Daar zit veel verschil in qua kwaliteit, maar ook dat is niet te controleren. In Nederland is er een tekort aan UCO, dus het wordt ook nog eens vaak uit het buitenland gehaald. En dan weet je al helemaal niet wat voor een troep er in zit.’

De voorzitter van ASV spreekt over een schipper die recent schade heeft geleden door het gebruik van biodiesel. ‘Tussen kerst en oud en nieuw heeft zijn schip schade geleden: injectoren van zijn motor zijn kapot gegaan. Het schip heeft ongeveer acht maanden op biodiesel gevaren. Vervolgens heeft hij zijn motor opengemaakt om de motor te controleren. Ik heb foto’s gezien van de motor. Een vieze frietpan is er niets bij.’

Gevaar

Le Sage zegt dat het gevaar bestaat dat de motor in een klap stilvalt. ‘Je moet er toch niet aan denken dat de motor van een tanker met benzeen stilvalt in een stroomgebied? Dit risico moet gewoon niet genomen worden.’

Als alternatief stelt de voorzitter voor om voorlopig op gtl te varen. ‘Wij varen al bijna zes jaar op gtl. Het beste duurzame alternatief voor de binnenvaart is hvo, maar dat is nog niet te betalen. Nu kost een kuub bijna 900 euro. Om het gebruik hiervan te stimuleren, zou het mooi zijn als dat, gedeeltelijk, gesubsidieerd wordt.’

Oneerlijke concurrentie

In december heeft de brancheorganisatie NOVE al een brandbrief gestuurd aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, waarin het bestuur het ministerie waarschuwt voor de ‘mogelijk desastreuze gevolgen’ voor bunkeraars in de binnenvaart, als Nederland besluit eenzijdig een bijmengverplichting voor biobrandstoffen in te voeren, zonder dat de buurlanden dat ook doen.

Slurink Bunkerstations sluit zich aan bij de brandbrief van NOVE. Het bedrijf maakt zich vooral zorgen om oneerlijke concurrentie, zo valt te lezen in een brief geschreven door directeur Rob Slurink. Buurlanden zoals België en Duitsland kennen de bijmengverplichting niet. Hierdoor zal er een enorme verschuiving plaatsvinden van binnenvaart-bunkeringen naar deze landen.