‘De verhuizing naar ons nieuwe warehouse in België heeft vertraging opgelopen doordat een accijnsvergunning laat is verstrekt en we hadden te maken met congestie in de haven van Rotterdam’, legt CFO Jannine van Lieshout uit. ‘Ook stonden de marges in het wegtransport en warehousing onder druk. Het uiteindelijke resultaat was een geringe winst, die slechter was dan begroot. We zijn daar dan ook niet gelukkig mee.’

Het resultaat na belastingen bedroeg in 2017 iets meer dan een half miljoen (538.613 euro). Een jaar eerder was dat nog bijna 1,3 miljoen. Ook het resultaat voor belastingen en het bedrijfsresultaat waren aanmerkelijk lager dan in 2016. Wel kon Nedcargo een omzetstijging boeken: van 116,3 miljoen naar bijna 123,8 miljoen euro.

Alpherium

Vorig jaar verkocht Nedcargo zijn containerterminal in Alphen aan den Rijn. Nieuwe eigenaar is Combined Container Terminal (CCT) uit Moerdijk. Bij de deal hoorden ook onder andere de barging-activiteiten en de schepen Gouwenaar II en III. In totaal leverde de verkoop 40,8 miljoen euro op. De transactie kwam tot stand op initiatief van CCT, dat al beschikt over een terminal in het Moerdijkse havengebied.

In 2017 heeft Nedcargo nog volop geïnvesteerd in de terminal, onder meer door vlootuitbreiding en de aanschaf van een nieuwe kraan. ‘Ik was eigenlijk nog niet klaar met Alpherium’, zegt Van Lieshout. ‘We hadden tenslotte net een aantal verbeteringen doorgevoerd. Maar we kwamen ook tot de conclusie dat je als binnenvaartbedrijf niet echt veel slagkracht hebt als je beschikt over slechts één terminal. Je kunt je klanten een veel betere dienstverlening bieden door een netwerk van terminals te hebben, verspreid over het land. Maar voor ons was het niet haalbaar om een tweede terminal te bouwen of over te nemen. Daarom was de verkoop een goede beslissing. Hierdoor konden we ons meer gaan richten op de supply chain van Food & Beverage.’

Toeslagen

In die sectoren staan voor Nedcargo vooral een efficiëntere dienstverlening, focus op de activiteiten en het afstoten van verlieslatende omzet centraal. Het bedrijf heeft 2018 gebruikt om de business opnieuw te organiseren, waardoor 2019 er naar eigen zeggen goed uit ziet.

Met die verandering heeft Nedcargo in de voorbije twee jaar al een start gemaakt. Zo werd enige tijd geleden een congestietoeslag ingevoerd in de binnenvaart, vanwege de drukte in de Rotterdamse haven. In de tweede helft van het afgelopen jaar kwam er ook een zogeheten conjunctuurtoeslag in de logistieke tak. Redenen hiervoor waren diverse problemen: het tekort aan vrachtwagenchauffeurs, de steeds talrijkere files en de ongunstige openingstijden van klanten.

Klantenverlies

Bij die eerdere prijsverhogingen blijft het niet voor Nedcargo. ‘Pas als we de tarieven dit jaar nog wat verder kunnen verhogen, zitten we op een normaal niveau’, schetst Van Lieshout de situatie van de afgelopen jaren. Bang dat klanten hierdoor weglopen, is ze niet. ‘De klanten reageerden heel redelijk op de eerdere verhogingen. Verladers lezen ook de krant en begrijpen dat een aanpassing van de prijzen noodzakelijk was.’ Weliswaar is Nedcargo twee klanten kwijtgeraakt, maar dit had volgens de financieel directeur weinig te maken met de verhogingen. Deze klanten besloten hun logistiek anders te organiseren.

‘Onze klanten verwachten wel dat ze voor de hogere prijzen een betere service krijgen. Dat is ook logisch. Wij zeggen: als we beter betaald worden voor onze diensten kunnen we ook een hoger serviceniveau bieden. En ik denk dat we op dat gebied heel behoorlijk presteren als ik ons vergelijk met concurrenten. Verder lopen we voorop als het gaat om het ondersteunen van de milieudoelstellingen van onze klanten. Zo is recent besloten om samen met Shell de CO2-uitstoot te compenseren van alle brandstof die onze vrachtwagens gebruiken.

Warehousing

2018 is ook gebruikt om de locaties onder de loep te nemen. De activiteiten van twee te kleine warehouses in Nederasselt en Zellik zijn ondergebracht in respectievelijk de nieuwbouw van Willebroek en de bestaande warehouses in Waddinxveen en Haaften. Dit omdat ze geografisch gunstiger liggen ten opzichte van de afleveradressen.