Paccar is met de merken Kenworth, Peterbilt, DAF en Foden, een grote producent van lichte, middelzware en zware trucks. Met de overname van Leyland krijgt het bedrijf de beschikking over extra productiecapaciteit voor lichtere vrachtwagens. Leyland produceert in zijn fabriek in Lancashire voornamelijk bedrijfswagens in de klasse van zes tot achttien ton. Met de overname wordt tevens voorkomen dat de concurrenten Isuzu en Volvo de fabriek zouden inlijven. Daarmee zou DAF in een moeilijke positie komen. De DAF 45 en 55 worden bij Leyland gemaakt en komen onder de naam DAF/Leyland op de markt. DAF kan daardoor zowel lichte als zware vrachtwagens te koop aanbieden. Paccar, met een gemiddelde omzet van 6,5 miljard dollar op jaarbasis, heeft overigens een heel goed eerste kwartaal achter de rug. De geconsolideerde omzet steeg met 21 procent tot 1,7 miljard dollar en de netto-winst met 73 procent tot 100,4 miljoen dollar. Volgens Pigott is dit resultaat onder meer te danken aan de sterke vraag naar middelzware en zware trucks in Noord-Amerika en Europa.