De Compagnie Maritime d’Affretement (CMA) werd in 1978 opgericht en startte haar operaties met een schip van 200 teu in het Middellandse Zeegebied. De rederij kende een snelle groei, steeds verder in oostelijke richting. Er kwamen lijnen naar de Rode Zee (1982), het Midden Oosten (1985) en het Verre Oosten (1987).

De snelle ontwikkeling van deze lijnen ging gepaard met een dynamische vlootpolitiek. CMA werkte steeds met gecharterde schepen om zo snel te kunnen overschakelen naar grotere tonnage. In de tachtiger jaren nam CMA een reeks zusterschepen van 1600/1800 teu (klasse ‘Ville de Jupiter’) in de vaart. Die werden daarna stapsgewijze vervangen door losse charters voor schepen van meer dan 2000 teu.

Ondertussen telt de CMA- vloot opnieuw acht nieuwbouwschepen die voor een periode van minimaal vijf jaar van Duitse trampreders gehuurd werden. De acht hebben een capaciteit van 3250-3538 teu. Het eerste schip werd in 1993 opgeleverd; het laatste kwam onlangs, in augustus, in de vaart.

,,Deze schepen zijn nu groot, maar lijken straks naast de nieuwe generatie eenheden van 4800 teu en zelfs 6000 teu weer klein”, aldus woordvoerder J. Botteaux. Daarom denkt de rederij alweer aan een mogelijke overschakeling op grotere eenheden. Daarbij wordt het cijfer 4500 teu genoemd. ,,De ‘Ville d’Aquila’ kwam als eerste van de nieuwe reeks in 1993 in de vaart. De charter loopt dus in 1998 af”, aldus CMA. De rederij heeft derhalve nog wat tijd om nieuwe plannen uit te werken. Eigendom

Het is niet uitgesloten dat CMA in de toekomst ook zelf schepen gaat bestellen, in plaats van een beroep te doen op lange- termijncontracten bij Duitse trampreders. ,,Het zou dan wel voorlopig om een of twee schepen gaan, omdat we een volledige vlootvernieuwing zelf financieel niet aankunnen”, aldus de rederij. CMA werkte al aan een concreet dossier voor de bestelling van een schip in Italie. Dat contract gaat niet door, maar er zijn ondertussen wel al contacten geweest met Koreaanse werven.

,,Het al dan niet doorgaan van een eigen order zal afhangen van de banken”, zegt Botteaux. Om voldoende kapitaal te verzamelen, wordt een beursnotering in Londen of New York niet uitgesloten. CMA-voorzitter Jacques Saade bevestigde dit al enkele malen. Een notering in Parijs ziet hij niet zitten: ,,Daar is niemand geinteresseerd in scheepvaart.”

CMA kocht onlangs nog twee feederschepen aan, de 250 teu grote ‘Ville de Mina Qaboos’ en de 450 teu grote ‘Ville de Damiette’. Een schip komt zelfs onder Franse vlag (Kerguelen-register), het eerste voor CMA. CMA is nochtans op containergebied al de grootste Franse rederij. In het Europese klassement is CMA zevende en op wereldvlak twintigste. Vorig jaar vervoerde de rederij 350.000 teu; voor dit jaar wordt op een volume van 440.000 teu gemikt.

Partner

,,Een eventuele overschakeling naar grotere schepen van 4000 teu of meer zou wel de samenwerking met een partner impliceren”, aldus Herve Stalla- Bourdillon, senior vice-president van CMA. Die partner zou niet gelijk wie mogen zijn. ,,De partner moet er hetzelfde concept op nahouden, want anders valt het huwelijk snel uiteen”, aldus Botteaux.

CMA’s concept omvat de gecombineerde bediening van het Nabije, Midden en Verre Oosten. Een eventuele partner zou dus moeten instemmen met aanlopen in hubs als Damietta, Jeddah en Khor Fakkan. Deze voorwaarde is meteen de reden waarom CMA haar bestaande samenwerking met Yangming vanuit het Middellandse Zeegebied niet doortrekt naar Noord-Europa. Yangming gaat daar vanuit het noorden per 1 januari slots wisselen met de Japanse carrier ‘K’ Line.

CMA heeft nu reeds enkele beperkte akkoorden. Zo verhuurd de Franse rederij op de schepen van haar French Asia Line slots aan Polish Ocean Lines en Bolt Orient Line. Een ander samenwerkingsverband betreft DSR- Senator: CMA kan containers voor Japan laden op schepen van DSR-Senator en neemt zelf diens containers voor het Midden Oosten mee.

DSR-Senator is ook een partner (samen met Ellerman) binnen de nieuwe IPEX dienst naar het Indiase Subcontinent, een verlenging van de vroegere Red Sea Express. De Duitse rederij is tenslotte ook een partner in de MEDAM-lijn tussen Noord Amerika, de Middellandse Zee en de Arabische Golf. DSR-Senator gaat samen met de Koreaanse rederijen Cho Yang en Hanjin een wereldwijde alliantie vormen.

Ook een reder als Norasia zou een logische partner zijn. Norasia werkt immers momenteel samen met Sea-Land, maar deze laatste gaat tegen mei volgend jaar overstappen naar Maersk Line. Norasia bedient net als CMA ook het Midden Oosten. ,,Iedereen praat momenteel met iedereen”, reageert Herve Stalla-Bourdillon.

Volgens Botteaux verlopen alle onderhandelingen vlot, omdat alle reders weten waaraan ze toe zijn. ,,Als wij een schip als de ‘Ville de Gemina’ in de vaart nemen, dan weet iedereen precies hoeveel ons dat kost”. Die openheid vergemakkelijkt de discussies. Uitgangspunt is immers het bekomen van schaalvoordelen door krachtenbundeling.

CGM

Na CMA’s expansie in oostelijke richting en de start van de MEDAM-dienst op de North Atlantic is de Pacific een nog ontbrekende schakel in het lijnennet van CMA. ,,De overname van de rond-de-wereld dienst van CGM zou een mogelijke intrede op dit vaargebied kunnen zijn”, oppert Stalla-Bourdillon voorzichtig.

De privatisering van CGM is een dossier dat president Jacques Saade zelf behandelt. ,,We zijn in alle geval geinteresseerd, maar niet in alles en zeker niet tegen gelijk welke prijs”, zegt Stalla-Bourdillon. Zo heeft CMA bij voorbeeld totaal geen ervaring in de bananentrade tussen de Franse Antillen en Europa. CMA is ook niet uit op de havenactiviteiten van CGM.

Stalla-Bourdillon hoopt dat CGM in Franse handen zal blijven. Hij verklaarde dit ook reeds in zijn hoedanigheid van nieuwe voorzitter van de lokale redersvereniging CMAF (Comite Marseillais des Armateurs Francais). Voorlopig is het nog niet volledig duidelijk hoe de Franse overheid de privatisering gaat aanpakken en welke eisen ze gaat stellen. ,,Het vertrek van topman Giuily bevordert de zaken niet”, zucht Stalla-Bourdillon.

door STEFAN VERBERCKMOES

De ‘Ville de Vela’ (3538 teu) werd vorig jaar opgeleverd en voor een periode van vijf jaar gehuurd. CMA wil op termijn kiezen voor grotere schepen, wat samenwerking met een partner wenselijk maakt.