W. Zegwaard werd in december ’91 door de rechtbank veroordeeld tot twee jaar cel waarvan een half jaar voorwaardelijk en een ton boete. Toen werd een eis van zes jaar cel gesteld.

Feber acht Zegwaard schuldig aan het leidinggeven aan een criminele organisatie die zich onder meer schuldig heeft gemaakt aan mengen van chemisch afval met huishoudelijk afval, vervalsen van douaneformulieren waardoor gemengd afval in Belgie kon worden gestort, vervalsen van facturen en weegbonnen en lozen van chemisch afval op het riool.

Zegwaard blijft in hoger beroep ontkennen dat hij geweten heeft van misdrijven bij zijn bedrijf in Delft. Het openbaar ministerie (OM) houdt hem er wel verantwoordelijk voor. Feber stelt dat Zegwaard bij het bedrijf het laatste woord had, regelmatig het terrein controleerde en brieven ondertekende met bij voorbeeld aanvragen voor vergunningen.

“Ik heb nog nooit iemand ontmoet die zo weinig van z’n eigen bedrijf wist” , aldus de procureur-generaal. Feber vond het ‘hoogst onwaarschijnlijk’ dat de drie medewerkers, die nog terecht moeten staan, onafhankelijk van elkaar de misdrijven hebben gepleegd. “Ik denk eerder dat de initiatieven van Zegwaard zelf zijn uitgegaan.”

Voordeel

Bij Zegwaard werd huishoudelijk met chemisch afval gemengd. Douaneformulieren kregen standaard de opdruk huishoudelijk afval, terwijl er gemengd afval, met onder meer aluminiumshredderstof (met cadmium) en steenkoolteerpek, illegaal de grens naar Belgie overging. Volgens Feber is er in Mont Saint Guibert 330.000 ton gemengd afval gestort.

Bij Zegwaard werden weegbonnen en facturen vervalst en asbesthoudend afval en oliewaterslib dat naar de Afvalverwerking Rijnmond (AVR) had gemoeten, door het riool gespoeld en gemengd. De procureur-generaal schatte het totaal wederrechterlijk verkregen voordeel tussen 1985 en 1987 tussen de 12 en 27 miljoen gulden.

De advocaat van Zegwaard, mr. R. Verbunt, pleitte voor vrijspraak. Hij vond dat het openbaar ministerie onder politieke druk is overgegaan tot vervolging en dat de rol van de overheid, met name die van de provincie Zuid-Holland, in de afvalaffaire is weggedrukt. “Met stilzwijgende toestemming van de overheid werd afval naar Belgie vervoerd.” Deelname aan een criminele organisatie is volgens hem door het openbaar ministerie slechts ten laste gelegd om tot een hogere eis te kunnen komen. Verbunt hield het gerechtshof voor dat Zegwaard de waarheid spreekt als hij zegt van niets te hebben geweten. Hij liet veel over aan de medewerkers in een groot bedrijf met gigantische afvalstromen. Verbunt vindt het van ongelijkheid getuigen dat de adjunt-directeur van het bedrijf niet is vervolgd, terwijl die vanaf 1987 plaatsvervanger van Zegwaard was.