Het door mij genoemde voorbeeld Aalsmeer staat model voor een instituut waarmee in feite kwekers zich kunnen toeleggen op het telen van bloemen (hun kernactiviteit) en exporteurs zich kunnen specialiseren in het zoeken naar markten. Het risico van het veranderen van de dollarskoers en daardoor het veranderen van de aantrekkelijkheid van exportmarkten kan door hen op eenvoudige wijze worden vermeden door inschakeling van de veiling. Klanten uit andere exportregio’s zijn daar ook aanwezig en men kan zich dan gemakkelijk voorstellen dat die klanten een betere prijs bieden dan de Amerikaanse importeurs. Veilingen en beurzen brengen vraag en aanbod dichter bij elkaar. Dat is nuttig voor een bedrijfstak die met meer risico’s te maken heeft.
Nu kan men zich tegen toenemende risico’s ook op andere manieren indekken. Onder meer door een agressieve verkooppolitiek en door het verwerven van lange termijncontracten. Dat zal zeker nuttig zijn. Het kan echter niet voorkomen dat de luchtvaartmaatschappijen zich geconfronteerd zullen zien met de onmogelijkheid om vraag en aanbod op korte termijn nauwkeurig op elkaar af te stemmen. En als dat niet lukt, dreigen verliezen door onderbezetting.
Ook in de zeevaart bestaan al langer vrachtbeurzen op wereldniveau, waarvan die van Londen, de Baltic Exchange, de bekendste is. Het spel van vraag en aanbod op die markt leidt voor alle reders tot markttransparantie en tot een mogelijkheid van het beoordelen van relevante risico’s.
Op dit moment is er voor de aanbieders van luchtvracht een beperkte uitweg uit dit probleem. Die uitweg wordt geboden door de luchtvrachtmakelaars. Deze marktpartij handelt in luchtvrachtruimte, met dien verstande, dat zij dat ook doet voor eigen rekening. Dit voor eigen rekening handelen, behoort traditioneel niet tot de makelaarsfunctie. Zij lijken dan ook meer commissionair dan makelaar. Wanneer makelaars ook commissionairstaken op zich nemen, verandert de behoefte aan markttransparantie. Zij hebben er soms zelfs baat bij indien zij de doorzichtigheid verminderen, omdat dat hun verkoopprijzen van luchtvrachtruimte hoog kan houden.
Mijn idee gaat verder dan de functie van de huidige makelaar. Ofschoon men voor het functioneren van die markt de huidige gevestigde luchtvrachtmakelaars wel degelijk nodig heeft. Het gaat erom de vraag en het aanbod van luchtvrachtruimte in evenwicht te brengen. Vragers zijn makelaars die in opdracht van luchtvaartmaatschappijen extra luchtvrachtruimte zoeken. Aanbieders zijn makelaars die in opdracht van vliegtuigeigenaren of -huurders trachten hun ongebruikte luchtvrachtruimte te verkopen. Contracten kunnen op routebasis of tijdbasis worden afgesloten. Er kunnen bij voorbeeld afspraken worden gemaakt op de route New York – PLAF-range (Parijs, Londen, Amsterdam en Frankfurt) of een andere route. Maar er kan ook een vliegtuig worden gehuurd voor kortere of langere tijd. Alles lijkt mij mogelijk. De prijsnotering is openbaar. Opdrachtgevers en kopers blijven in principe anoniem. Toelating tot de beurs is onderhevig aan een aantal gedragscodes en bewijzen van bekwaamheid waarover nadere regels dienen te worden geformuleerd. Er zullen ongetwijfeld nog een groot aantal andere elementen geregeld dienen te worden. Voordeel is dat op deze wijze de markt een stuk doorzichtiger wordt gemaakt. Bovendien wordt bereikt, dat de markt voor luchtvrachtruimte het risico van een lange termijn-contract vermindert. Het idee lijkt mij het uitzoeken waard.

) Prof. H. Roos is hoogleraar luchtvaarteconomie aan de Universiteit van Amsterdam en de KMA in Breda.

of. H. Roos .) Tijdens het onlangs gehouden 9e nationale luchtvrachtcongres, dat dit maal plaatsvond op de luchthaven Schiphol, heb ik het voorstel gelanceerd om de mogelijkheid te bestuderen een luchtvrachtbeurs te vestigen in Amsterdam of op Schiphol. Ik kwam met deze suggestie omdat ik zie dat de vrachtdiensten van de luchtvaartmaatschappijen steeds meer een zelfstandige positie krijgen toebedeeld. Dit leidt tot toenemende risico’s waarvoor dekking moeten worden gezocht. Een beurs is daar een bekende en gewaardeerde instelling voor.